‘Ik wil tenminste nog één keer ergens verschil maken’
Jenny Doest vertrekt na negen jaar bij Rozet
Directiewisseling
Tekst en foto’s: Eimer Wieldraaijer
Vijf jaar geleden kwam ze al tot de slotsom: mijn werk zit erop, het is tijd om het stokje aan iemand anders door te geven. Het liep anders. Ze vertrekt nu, in 2025, na negen jaar aan het roer te hebben gestaan. Wat maakte dat Jenny Doest in 2020 aanbleef als directeur-bestuurder van cultureel centrum Rozet in Arnhem en waarom besluit ze nou dat het wel tijd is om de deur voor het laatst achter zich dicht te trekken?
Je bedoelt: vanuit het publiek wel, vanuit de politiek is dat wat minder het geval?
‘Weet je: het in stand houden van een organisatie als deze kost simpelweg geld, maar dat zijn wel preventieve investeringen in het ontwikkelen van mensen. Het onderwijs kent als belangrijke functie bepaalde vaste subsidiëringen, en terecht, maar onze instelling is een huiskamer waar je mag leren, waar je niet afgerekend wordt op een diploma. Men noemt het vaak de derde plek tussen thuis en werk. Ik zie Rozet als een derde plek tussen thuis en school. Bij Rozet hoor je niet wat je niet kan. Nee, je leert hier voor je plezier. Je mag voor je plezier bij ons komen. Dat zijn maatschappelijk gezien heel belangrijke investeringen, mede omdat scholen veel uitval kennen. Er zijn veel mensen die nooit meer een schoolbank in willen, maar die heel blij zijn dat je bij ons mag leren wat je wilt.’
De aandacht gaat algauw uit naar dit imposante gebouw op een steenworp van Arnhem CS, maar zijn de Rozetjes in de wijk en de cultuurmakelaars die voor jullie op diverse plekken actief zijn in deze 169.000 inwoners tellende stad voor jullie werking niet even belangrijk?
‘Vijftig procent van ons werk vindt buiten dit pand plaats, maar dankzij de blikvanger in het centrum krijgen we sneller voet aan de grond in de rest van de stad. Als we in een buurthuis of elders een Rozetje openen, merk je dat men er trots op is om onderdeel te zijn van de organisatie waarvan dit bij elke Arnhemmer bekende gebouw de vlaggendrager is.’
Jij bent een hartstochtelijk pleitbezorger van multifunctionele organisaties, omdat je gezamenlijk meer bereikt. In een vorig interview met Bibliotheekblad (nr 5-2024, hier te lezen) wees je op de praktische keerzijde van de medaille zoals veel regeldruk en administratieve belasting. Werd je daarom medeoprichter van de Stichting & die zich landelijk sterk maakt voor een vernieuwende en integrale aanpak van cultuur en maatschappelijke dienstverlening?
‘Van de dingen die je noemt heb ik als bestuurder van een multifunctionele organisatie als deze nog steeds veel last. Mensen die hetzelfde werk doen binnen Rozet krijgen nog altijd niet hetzelfde betaald. Vervelend is ook dat ik me blauw betaal aan brancheorganisaties die nooit ons gezamenlijk belang dienen. Aan het invullen van al die enquêtes ben ik twee FTE’s kwijt. Ik heb inderdaad nog altijd te maken met drie verschillende provinciale ondersteuningsinstellingen. Om die reden heb ik met een aantal participanten een stichting opgericht om het in dit opzicht voor de aangesloten organisaties makkelijker te maken en zodoende tevens geld te besparen. Er wordt in Gelderland echt wel geprobeerd om aan onze wens tegemoet te komen, maar helaas gaat het allemaal verschrikkelijk traag. Dat is des te spijtiger, omdat er in ons land inmiddels al zo’n tweehonderd clubs zijn als de onze.’
Blijf je wel actief voor de Stichting &?
‘Nee, ook daar stop ik mee. Als je niet in het primaire proces zit, kun je geen goede bijdrage aan zo’n stichting leveren.’
Blijf je binnen de sector actief?
‘Dat weet ik echt niet.’
Hoe oud ben je, als ik vragen mag?
‘Ik ben 57.’
Dus je moet nog zo’n tien jaar door.
‘Correctie: ik mag nog tien jaar door. Sterker: ik wil door. Ik wil ergens het verschil maken. Er komt vast wel iets ingewikkeld op mijn pad, waar ik dan weer met heel veel energie en een hoop herrie induik. Ik ben geen stil muisje dat langs de kant zit en afwacht wat er gebeurt.’
Met welk gevoel neem je afscheid?
‘Rozet zit onder mijn huid. En wat ik wil benadrukken: het is een eer en een feest om leiding te mogen geven aan deze organisatie. We zetten hier zoveel prachtige dingen neer voor iedereen. Een bijdrage kunnen leveren aan de persoonlijke ontwikkeling van iemand, dat is toch prachtig? Wat er ook in de wereld gebeurt, of het nou in Oekraïne, Israël of Iran is, bij deze instelling komt iedereen over de vloer. Iedereen voelt zich bij ons thuis. Mede dankzij het diverse personeelsbestand, ons menselijk kapitaal. Daarom roep ik de overheid op om vooral ruimhartig te investeren in deze voor de plaatselijke samenleving zo belangrijke culturele organisatie. Als organisatie kunnen we in vrijheid onderzoeken wat deze stad of die ene wijk nodig heeft als het gaat om taal, kunst of erfgoed. Daar kunnen we als Rozet ons handelen op afstemmen en dat is geweldig. Natuurlijk hebben ook wij te maken met de gemeente en de provincie als investeerders, maar dat die geldschieters ons tegelijkertijd de kans geven om in vrijheid het verschil te maken, dat zie ik als een groot goed.’
Hoe kun je die mentaliteit ombuigen in een zakelijker houding?
‘Door te werken aan gelijkwaardig partnerschap met de overheid. Ik denk dat deze sector vaak veel te lief is. Het is oneindig breed wat we allemaal doen. In deze polariserende samenleving zijn er nog maar weinig plekken waar je mag zijn en kunt zijn wie je wilt zijn. Dat is goud waard. De reputatie van bibliotheken is onverminderd sterk. Bibliotheken zijn van onbesproken gedrag. In welke sector is dat nog het geval? Bibliotheken zijn een witte raaf. Dat krediet moeten we koesteren. Daar mogen we met elkaar veel trotser op zijn dan we laten blijken, al is er de afgelopen jaren wel iets verbeterd in dat opzicht. In coronatijd hebben we echt meer positie gepakt en op dat vlak moeten we doorgaan.’
Corona bood jullie onder meer de mogelijkheid om de organisatie digitaal verder te ontwikkelen en de dienstverlening uit te breiden. Rozet heeft ook een rol gespeeld bij de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Allemaal verstrekkende zaken, maar was het samengaan van drie stichtingen in één organisatie met de focus op taal, kunst en erfgoed niettemin de meest bepalende verandering, die onder jouw leiding heeft plaatsgevonden?
‘De impact voor de Arnhemmers door het samengaan van de drie stichtingen in één organisatie is de meeste bepalende verandering. Met volle overtuiging hebben we als één Rozet ingezet op het maximaal toegankelijk maken van persoonlijke ontwikkeling met taal, kunst en erfgoed. In die zin dat ik de nieuwe organisatie zie als een boom waarbij je de wortels van Rozet moet blijven koesteren en in balans houden. Een voorbeeld. Het maken van of luisteren naar muziek is fundamenteel anders dan het lezen of lenen van een boek. Dat vraagt om andere skills en een andere focus. Als je kijkt naar taal, dan zie je dat het ene kind het best leert via het hoofd en het andere kind via het lijf. Daarom hebben we onze taal- en cultuureducatie verregaand geïntegreerd. Rekening houdend met de verschillende manieren waarop iemand zich ontwikkelt kun je veel meer impact maken. Dat vind ik het mooie dat we hier in gang hebben gezet.’
Rozet trekt op jaarbasis meer dan een miljoen bezoekers. Het publiek geeft jullie telkens een hoog waarderingscijfer. Het door Neutelings Riedijk Architects ontworpen gebouw heeft een grote impuls gegeven aan de revitalisatie van dit deel van de Arnhemse binnenstad. Krijgen jullie voldoende krediet voor de waarde en betekenis van deze instelling?
‘Dat hangt ervan af aan wie je het vraagt.’
Op welk moment dacht je precies: het wordt tijd voor iets anders?
‘Op 15 april besloot de gemeenteraad dat we incidenteel 8,5 ton krijgen om het financiële gat van dit jaar te dichten. Ook in 2025 schrijven we zodoende weer zwarte cijfers. Na die beslissing van de raad ben ik met mijn man twee weken op vakantie geweest. Tijdens die trip kwam ik tot de conclusie: het is het juiste moment om het stokje over te dragen. Er staat een stevig fundament. Elke Arnhemse school heeft bijvoorbeeld een vaste adviseur van Rozet. Met professionals uit het onderwijs en de cultuursector organiseren we taal-, kunst- en erfgoedactiviteiten. Voor formeel en non-formeel onderwijs. Uitnacht Arnhem, dat cultuur brengt naar een groot publiek, is een begrip in de stad. De strategische koers 2025-2028, Dichtbij, daar waar de mensen zijn, is ingegaan. Met die strategische koers is Rozet weer aan het bouwen. Het nieuwe managementteam is bijna rond. Ik ben een goed veranderaar, maar het is nu aan iemand anders om de volgende stappen met deze organisatie te zetten.’
Had je in 2020 al een idee wat je hierna zou willen doen?
‘Ik wist het toen niet en ik weet het nu nog niet. Er zijn een paar dingen die ik wel weet. Ik heb lang in het mbo gewerkt voor ambachtelijke beroepen, zoals meubelmakers, tandtechnici, goudsmeden. Ik voelde me indertijd erg verbonden aan die missie en opdracht, maar dat kostte me privé en qua betrokkenheid best veel. Toen ik hier begon, had ik me dan ook voorgenomen om me qua passie en inzet nooit meer in die mate met de mensen en de visie van deze organisatie te verbinden als in mijn vorige werk. Dat is totaal mislukt. Ik moet van mezelf accepteren dat ik zo ben en zo te werk ga. Ik weet nu alleen dat ik moet stoppen, afstand moet nemen. Tegen de mensen die hier werken en onze partners heb ik ook gezegd: na mijn afscheid op 26 juni kom ik hier niet meer. Niet omdat ik jullie niet meer wil zien, maar voor mij is het de enige weg. Ik heb afstand en ruimte nodig. Ik heb heel hard gewerkt en wil uitrusten. En als ik uitgerust ben, dan is het mijn voornemen om tenminste nog één uitdaging met maatschappelijke impact aan te gaan. Daar ga ik voor.’
Ga je Rozet missen?
‘Ja, heel erg. Aanvankelijk wist ik niets van bibliotheken. Van cultuureducatie en erfgoed kon ik me nauwelijks een voorstelling maken. Ik kende niemand in Arnhem. Het was voor mij één grote ontdekkingstocht, waar ik me met hart en ziel in heb gestort om me zo snel mogelijk de taal en cultuur van deze nieuwe omgeving eigen te maken. Overigens is het ook een voordeel als je zo fris en onervaren ergens in stapt, want dan kun je veel onbevangener kijken naar de mogelijkheden van de functies die je als organisatie hebt. Of ik tegen verrassingen, aangenaam en onaangenaam, aanliep? Ik heb me verbaasd over de bescheidenheid in deze sector. Ook was ik verrast door de enorme kansen die er liggen voor bibliotheken, cultuureducatie en erfgoed. In de negen jaar dat ik nu werkzaam ben in deze tak van sport is er veel veranderd, we pakken veel meer positie. Wel is er ruimte voor verbetering op het vlak van zakelijkheid. Moet je kijken wat we allemaal doen, wat we allemaal realiseren, en dat doen we met minimale middelen.’
’Hoe kun je financiële tekorten in de toekomst voorkomen? In de plaatselijk pers las ik onder meer iets over een vlekkenplan om te komen tot een betere bezetting van het gebouw ...
‘Rozet vervult als publieke basisvoorziening een belangrijke maatschappelijke functie in de stad en provincie. We zijn het erover eens dat de meerwaarde van Rozet voor Arnhemmers in stand gehouden moet worden. Zoals gezegd, hebben we al meerdere maatregelen getroffen om het ontstane tekort terug te dringen, maar er komt een punt waarop je niet verder kunt korten, omdat daarmee de basis in het geding komt. Dat punt heeft Rozet inmiddels wel bereikt. Een belangrijk onderdeel van de oplossing zit in het huisvestingsvraagstuk. Bijna vijftig procent van de subsidie van de gemeente Arnhem betreft gebouw gebonden kosten. In samenwerking met de gemeente zullen snel knopen worden doorgehakt. Ik verwacht dat nieuwe maatschappelijke partners hun intrek in dit gebouw zullen nemen. Stel dat de politie hier spreekuur gaat houden of dat medewerkers van welzijnsorganisaties in dit pand actief worden, dan zou dat echt iets toevoegen aan onze kernactiviteiten. Een scheiding tussen de subsidie die we krijgen voor ons programma en die we krijgen voor onze huisvesting zou helderheid geven voor de toekomst. Er liggen diverse bouwstenen, maar het is aan mijn opvolger om een beslissing te nemen.’
Mijn gevoel zegt dat deze problemen waar Rozet tegenaan loopt symptomatisch zijn voor organisaties die ineens met zo’n schaalvergroting te maken krijgen. Je komt als bibliotheek onder één dak met andere partners, de ruimte die je tot je beschikking hebt is ineens veel groter dan voorheen, maar wat op termijn de financiële consequenties zijn is ongewis …
‘Dat komt hierdoor: je zet een prachtig pand neer, iedereen is wild enthousiast, maar het doordenken van een gezonde exploitatie en een doordachte business case blijft achterwege, want als je dat wel doet, zie je dat het allemaal veel te duur wordt en gaat het feest niet door. In de kern gaat het overal steeds om één ding: bakstenen versus programmering.’
Laten we man en paard noemen: het zijn niet zelden lokale politici die ergens vier of acht jaar aan de macht zijn, en die als ‘testament’ een indrukwekkend visitekaartje willen nalaten …
‘Daar is in ons geval niks mis mee, want het zou toch echt een gemiste kans zijn geweest als dit pand er niet was gekomen. Ik heb er ook alle vertrouwen in dat de gewenste oplossing er komt voor Rozet.
Waarom stop je als directeur-bestuurder van het Arnhemse Rozet?
‘Begin 2020 dacht ik: Jenny, je hebt de organisatie tot eenheid gebracht, we hebben een nieuwe organisatiestructuur neergezet, de inhoud staat als een huis en we noteren financieel zwarte cijfers. Met andere woorden: alles is op orde, dus is het tijd om te gaan. Tegen één collega heb ik dat ook uitgesproken. Die zei later: ‘Dat was een omen’, want vlak erna gooide het coronavirus roet in het eten. Met als gevolg dat we twee jaar lang bezig zijn geweest met opengaan, dichtgaan, opengaan, dichtgaan. Nadat het virus was uitgewoed, kwam de oorlog in Oekraïne en hadden we te maken met hoge inflatie. De subsidie-inkomsten stegen minder snel dan de prijzen. Daarnaast besloot de provincie Gelderland te stoppen met de subsidie voor de Plusbibliotheek. Ik ben een bestuurder die blijft als de organisatie in zwaar weer verkeert. Tegen de Raad van Toezicht zei ik: hoewel het ingewikkeld is, vind ik dat ik Rozet nu niet kan achterlaten. Daarom ben ik gebleven.’
Rozet kreeg te maken met flinke tekorten die noopten tot stevige ingrepen. De gemeente Arnhem sprong in 2024 en 2025 incidenteel bij om rode cijfers te voorkomen. Op zich verheugend, maar feit is wel dat jullie personeelsomvang vanwege de bezuinigingen die je moest doorvoeren is gekrompen, de bibliobus afgedankt, het aantal openingsuren verminderd en er worden minder materialen aangeschaft. Het klinkt als de noodlijdende bakker die minder brood gaat bakken. Hebben die ingrepen pijn gedaan?
‘Ja, het voelt alsof je een kalkoen bent die zichzelf met Kerst slacht. Niettemin heb ik geprobeerd onze basis zo min mogelijk aan te tasten. We hebben bijvoorbeeld via een interessepeiling afscheid genomen van mensen. Er is een vacaturestop gekomen. Ik zal echter niet ontkennen dat onze dienstverlening een tik heeft opgelopen door de maatregelen die je noemde. Met een gebouw als dit wil je zo ruim mogelijk open zijn. Je wilt met je bibliobus diegenen bereiken, die je anders niet bereikt. Je wilt het publiek een zo actueel en compleet mogelijke collectie aanbieden. Deze ingrepen hebben absoluut pijn gedaan. Ik vond het verschrikkelijk, maar ik kon niet anders vanwege de gestegen huurkosten, de gestegen CAO-kosten, de hogere lasten van schoonmaak en beveiliging. Als je alleen al kijkt naar de afschuwelijke beveiligingsincidenten waarmee we te maken hadden en hebben, en die ons nopen tot extra inzet van beveiligers… Ik zal het exacte bedrag niet noemen, maar de kosten hiervan zijn schrikbarend hoog. En dan heb ik het nog niet eens over de belasting, die dit soort incidenten voor onze medewerkers betekent.
Bibliotheekblad 8 • oktober 2025
Op welk moment dacht je precies: het wordt tijd voor iets anders?
‘Op 15 april besloot de gemeenteraad dat we incidenteel 8,5 ton krijgen om het financiële gat van dit jaar te dichten. Ook in 2025 schrijven we zodoende weer zwarte cijfers. Na die beslissing van de raad ben ik met mijn man twee weken op vakantie geweest. Tijdens die trip kwam ik tot de conclusie: het is het juiste moment om het stokje over te dragen. Er staat een stevig fundament. Elke Arnhemse school heeft bijvoorbeeld een vaste adviseur van Rozet. Met professionals uit het onderwijs en de cultuursector organiseren we taal-, kunst- en erfgoedactiviteiten. Voor formeel en non-formeel onderwijs. Uitnacht Arnhem, dat cultuur brengt naar een groot publiek, is een begrip in de stad. De strategische koers 2025-2028, Dichtbij, daar waar de mensen zijn, is ingegaan. Met die strategische koers is Rozet weer aan het bouwen. Het nieuwe managementteam is bijna rond. Ik ben een goed veranderaar, maar het is nu aan iemand anders om de volgende stappen met deze organisatie te zetten.’
Had je in 2020 al een idee wat je hierna zou willen doen?
‘Ik wist het toen niet en ik weet het nu nog niet. Er zijn een paar dingen die ik wel weet. Ik heb lang in het mbo gewerkt voor ambachtelijke beroepen, zoals meubelmakers, tandtechnici, goudsmeden. Ik voelde me indertijd erg verbonden aan die missie en opdracht, maar dat kostte me privé en qua betrokkenheid best veel. Toen ik hier begon, had ik me dan ook voorgenomen om me qua passie en inzet nooit meer in die mate met de mensen en de visie van deze organisatie te verbinden als in mijn vorige werk. Dat is totaal mislukt. Ik moet van mezelf accepteren dat ik zo ben en zo te werk ga. Ik weet nu alleen dat ik moet stoppen, afstand moet nemen. Tegen de mensen die hier werken en onze partners heb ik ook gezegd: na mijn afscheid op 26 juni kom ik hier niet meer. Niet omdat ik jullie niet meer wil zien, maar voor mij is het de enige weg. Ik heb afstand en ruimte nodig. Ik heb heel hard gewerkt en wil uitrusten. En als ik uitgerust ben, dan is het mijn voornemen om tenminste nog één uitdaging met maatschappelijke impact aan te gaan. Daar ga ik voor.’
Ga je Rozet missen?
‘Ja, heel erg. Aanvankelijk wist ik niets van bibliotheken. Van cultuureducatie en erfgoed kon ik me nauwelijks een voorstelling maken. Ik kende niemand in Arnhem. Het was voor mij één grote ontdekkingstocht, waar ik me met hart en ziel in heb gestort om me zo snel mogelijk de taal en cultuur van deze nieuwe omgeving eigen te maken. Overigens is het ook een voordeel als je zo fris en onervaren ergens in stapt, want dan kun je veel onbevangener kijken naar de mogelijkheden van de functies die je als organisatie hebt. Of ik tegen verrassingen, aangenaam en onaangenaam, aanliep? Ik heb me verbaasd over de bescheidenheid in deze sector. Ook was ik verrast door de enorme kansen die er liggen voor bibliotheken, cultuureducatie en erfgoed. In de negen jaar dat ik nu werkzaam ben in deze tak van sport is er veel veranderd, we pakken veel meer positie. Wel is er ruimte voor verbetering op het vlak van zakelijkheid. Moet je kijken wat we allemaal doen, wat we allemaal realiseren, en dat doen we met minimale middelen.’
’Hoe kun je financiële tekorten in de toekomst voorkomen? In de plaatselijk pers las ik onder meer iets over een vlekkenplan om te komen tot een betere bezetting van het gebouw ...
‘Rozet vervult als publieke basisvoorziening een belangrijke maatschappelijke functie in de stad en provincie. We zijn het erover eens dat de meerwaarde van Rozet voor Arnhemmers in stand gehouden moet worden. Zoals gezegd, hebben we al meerdere maatregelen getroffen om het ontstane tekort terug te dringen, maar er komt een punt waarop je niet verder kunt korten, omdat daarmee de basis in het geding komt. Dat punt heeft Rozet inmiddels wel bereikt. Een belangrijk onderdeel van de oplossing zit in het huisvestingsvraagstuk. Bijna vijftig procent van de subsidie van de gemeente Arnhem betreft gebouw gebonden kosten. In samenwerking met de gemeente zullen snel knopen worden doorgehakt. Ik verwacht dat nieuwe maatschappelijke partners hun intrek in dit gebouw zullen nemen. Stel dat de politie hier spreekuur gaat houden of dat medewerkers van welzijnsorganisaties in dit pand actief worden, dan zou dat echt iets toevoegen aan onze kernactiviteiten. Een scheiding tussen de subsidie die we krijgen voor ons programma en die we krijgen voor onze huisvesting zou helderheid geven voor de toekomst. Er liggen diverse bouwstenen, maar het is aan mijn opvolger om een beslissing te nemen.’
Mijn gevoel zegt dat deze problemen waar Rozet tegenaan loopt symptomatisch zijn voor organisaties die ineens met zo’n schaalvergroting te maken krijgen. Je komt als bibliotheek onder één dak met andere partners, de ruimte die je tot je beschikking hebt is ineens veel groter dan voorheen, maar wat op termijn de financiële consequenties zijn is ongewis …
‘Dat komt hierdoor: je zet een prachtig pand neer, iedereen is wild enthousiast, maar het doordenken van een gezonde exploitatie en een doordachte business case blijft achterwege, want als je dat wel doet, zie je dat het allemaal veel te duur wordt en gaat het feest niet door. In de kern gaat het overal steeds om één ding: bakstenen versus programmering.’
Laten we man en paard noemen: het zijn niet zelden lokale politici die ergens vier of acht jaar aan de macht zijn, en die als ‘testament’ een indrukwekkend visitekaartje willen nalaten …
‘Daar is in ons geval niks mis mee, want het zou toch echt een gemiste kans zijn geweest als dit pand er niet was gekomen. Ik heb er ook alle vertrouwen in dat de gewenste oplossing er komt voor Rozet.
Jenny Doest vertrekt na negen jaar bij Rozet
Waarom stop je als directeur-bestuurder van het Arnhemse Rozet?
‘Begin 2020 dacht ik: Jenny, je hebt de organisatie tot eenheid gebracht, we hebben een nieuwe organisatiestructuur neergezet, de inhoud staat als een huis en we noteren financieel zwarte cijfers. Met andere woorden: alles is op orde, dus is het tijd om te gaan. Tegen één collega heb ik dat ook uitgesproken. Die zei later: ‘Dat was een omen’, want vlak erna gooide het coronavirus roet in het eten. Met als gevolg dat we twee jaar lang bezig zijn geweest met opengaan, dichtgaan, opengaan, dichtgaan. Nadat het virus was uitgewoed, kwam de oorlog in Oekraïne en hadden we te maken met hoge inflatie. De subsidie-inkomsten stegen minder snel dan de prijzen. Daarnaast besloot de provincie Gelderland te stoppen met de subsidie voor de Plusbibliotheek. Ik ben een bestuurder die blijft als de organisatie in zwaar weer verkeert. Tegen de Raad van Toezicht zei ik: hoewel het ingewikkeld is, vind ik dat ik Rozet nu niet kan achterlaten. Daarom ben ik gebleven.’
Rozet kreeg te maken met flinke tekorten die noopten tot stevige ingrepen. De gemeente Arnhem sprong in 2024 en 2025 incidenteel bij om rode cijfers te voorkomen. Op zich verheugend, maar feit is wel dat jullie personeelsomvang vanwege de bezuinigingen die je moest doorvoeren is gekrompen, de bibliobus afgedankt, het aantal openingsuren verminderd en er worden minder materialen aangeschaft. Het klinkt als de noodlijdende bakker die minder brood gaat bakken. Hebben die ingrepen pijn gedaan?
‘Ja, het voelt alsof je een kalkoen bent die zichzelf met Kerst slacht. Niettemin heb ik geprobeerd onze basis zo min mogelijk aan te tasten. We hebben bijvoorbeeld via een interessepeiling afscheid genomen van mensen. Er is een vacaturestop gekomen. Ik zal echter niet ontkennen dat onze dienstverlening een tik heeft opgelopen door de maatregelen die je noemde. Met een gebouw als dit wil je zo ruim mogelijk open zijn. Je wilt met je bibliobus diegenen bereiken, die je anders niet bereikt. Je wilt het publiek een zo actueel en compleet mogelijke collectie aanbieden. Deze ingrepen hebben absoluut pijn gedaan. Ik vond het verschrikkelijk, maar ik kon niet anders vanwege de gestegen huurkosten, de gestegen CAO-kosten, de hogere lasten van schoonmaak en beveiliging. Als je alleen al kijkt naar de afschuwelijke beveiligingsincidenten waarmee we te maken hadden en hebben, en die ons nopen tot extra inzet van beveiligers… Ik zal het exacte bedrag niet noemen, maar de kosten hiervan zijn schrikbarend hoog. En dan heb ik het nog niet eens over de belasting, die dit soort incidenten voor onze medewerkers betekent.
Bibliotheekblad 8 • oktober 2025
Vijf jaar geleden kwam ze al tot de slotsom: mijn werk zit erop, het is tijd om het stokje aan iemand anders door te geven. Het liep anders. Ze vertrekt nu, in 2025, na negen jaar aan het roer te hebben gestaan. Wat maakte dat Jenny Doest in 2020 aanbleef als directeur-bestuurder van cultureel centrum Rozet in Arnhem en waarom besluit ze nou dat het wel tijd is om de deur voor het laatst achter zich dicht te trekken?
‘Ik wil tenminste nog één keer ergens verschil maken’
Directiewisseling
Tekst en foto’s: Eimer Wieldraaijer
Hoe kun je die mentaliteit ombuigen in een zakelijker houding?
‘Door te werken aan gelijkwaardig partnerschap met de overheid. Ik denk dat deze sector vaak veel te lief is. Het is oneindig breed wat we allemaal doen. In deze polariserende samenleving zijn er nog maar weinig plekken waar je mag zijn en kunt zijn wie je wilt zijn. Dat is goud waard. De reputatie van bibliotheken is onverminderd sterk. Bibliotheken zijn van onbesproken gedrag. In welke sector is dat nog het geval? Bibliotheken zijn een witte raaf. Dat krediet moeten we koesteren. Daar mogen we met elkaar veel trotser op zijn dan we laten blijken, al is er de afgelopen jaren wel iets verbeterd in dat opzicht. In coronatijd hebben we echt meer positie gepakt en op dat vlak moeten we doorgaan.’
Corona bood jullie onder meer de mogelijkheid om de organisatie digitaal verder te ontwikkelen en de dienstverlening uit te breiden. Rozet heeft ook een rol gespeeld bij de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Allemaal verstrekkende zaken, maar was het samengaan van drie stichtingen in één organisatie met de focus op taal, kunst en erfgoed niettemin de meest bepalende verandering, die onder jouw leiding heeft plaatsgevonden?
‘De impact voor de Arnhemmers door het samengaan van de drie stichtingen in één organisatie is de meeste bepalende verandering. Met volle overtuiging hebben we als één Rozet ingezet op het maximaal toegankelijk maken van persoonlijke ontwikkeling met taal, kunst en erfgoed. In die zin dat ik de nieuwe organisatie zie als een boom waarbij je de wortels van Rozet moet blijven koesteren en in balans houden. Een voorbeeld. Het maken van of luisteren naar muziek is fundamenteel anders dan het lezen of lenen van een boek. Dat vraagt om andere skills en een andere focus. Als je kijkt naar taal, dan zie je dat het ene kind het best leert via het hoofd en het andere kind via het lijf. Daarom hebben we onze taal- en cultuureducatie verregaand geïntegreerd. Rekening houdend met de verschillende manieren waarop iemand zich ontwikkelt kun je veel meer impact maken. Dat vind ik het mooie dat we hier in gang hebben gezet.’
Rozet trekt op jaarbasis meer dan een miljoen bezoekers. Het publiek geeft jullie telkens een hoog waarderingscijfer. Het door Neutelings Riedijk Architects ontworpen gebouw heeft een grote impuls gegeven aan de revitalisatie van dit deel van de Arnhemse binnenstad. Krijgen jullie voldoende krediet voor de waarde en betekenis van deze instelling?
‘Dat hangt ervan af aan wie je het vraagt.’
Je bedoelt: vanuit het publiek wel, vanuit de politiek is dat wat minder het geval?
‘Weet je: het in stand houden van een organisatie als deze kost simpelweg geld, maar dat zijn wel preventieve investeringen in het ontwikkelen van mensen. Het onderwijs kent als belangrijke functie bepaalde vaste subsidiëringen, en terecht, maar onze instelling is een huiskamer waar je mag leren, waar je niet afgerekend wordt op een diploma. Men noemt het vaak de derde plek tussen thuis en werk. Ik zie Rozet als een derde plek tussen thuis en school. Bij Rozet hoor je niet wat je niet kan. Nee, je leert hier voor je plezier. Je mag voor je plezier bij ons komen. Dat zijn maatschappelijk gezien heel belangrijke investeringen, mede omdat scholen veel uitval kennen. Er zijn veel mensen die nooit meer een schoolbank in willen, maar die heel blij zijn dat je bij ons mag leren wat je wilt.’
De aandacht gaat algauw uit naar dit imposante gebouw op een steenworp van Arnhem CS, maar zijn de Rozetjes in de wijk en de cultuurmakelaars die voor jullie op diverse plekken actief zijn in deze 169.000 inwoners tellende stad voor jullie werking niet even belangrijk?
‘Vijftig procent van ons werk vindt buiten dit pand plaats, maar dankzij de blikvanger in het centrum krijgen we sneller voet aan de grond in de rest van de stad. Als we in een buurthuis of elders een Rozetje openen, merk je dat men er trots op is om onderdeel te zijn van de organisatie waarvan dit bij elke Arnhemmer bekende gebouw de vlaggendrager is.’
Jij bent een hartstochtelijk pleitbezorger van multifunctionele organisaties, omdat je gezamenlijk meer bereikt. In een vorig interview met Bibliotheekblad (nr 5-2024, hier te lezen) wees je op de praktische keerzijde van de medaille zoals veel regeldruk en administratieve belasting. Werd je daarom medeoprichter van de Stichting & die zich landelijk sterk maakt voor een vernieuwende en integrale aanpak van cultuur en maatschappelijke dienstverlening?
‘Van de dingen die je noemt heb ik als bestuurder van een multifunctionele organisatie als deze nog steeds veel last. Mensen die hetzelfde werk doen binnen Rozet krijgen nog altijd niet hetzelfde betaald. Vervelend is ook dat ik me blauw betaal aan brancheorganisaties die nooit ons gezamenlijk belang dienen. Aan het invullen van al die enquêtes ben ik twee FTE’s kwijt. Ik heb inderdaad nog altijd te maken met drie verschillende provinciale ondersteuningsinstellingen. Om die reden heb ik met een aantal participanten een stichting opgericht om het in dit opzicht voor de aangesloten organisaties makkelijker te maken en zodoende tevens geld te besparen. Er wordt in Gelderland echt wel geprobeerd om aan onze wens tegemoet te komen, maar helaas gaat het allemaal verschrikkelijk traag. Dat is des te spijtiger, omdat er in ons land inmiddels al zo’n tweehonderd clubs zijn als de onze.’
Blijf je wel actief voor de Stichting &?
‘Nee, ook daar stop ik mee. Als je niet in het primaire proces zit, kun je geen goede bijdrage aan zo’n stichting leveren.’
Blijf je binnen de sector actief?
‘Dat weet ik echt niet.’
Hoe oud ben je, als ik vragen mag?
‘Ik ben 57.’
Dus je moet nog zo’n tien jaar door.
‘Correctie: ik mag nog tien jaar door. Sterker: ik wil door. Ik wil ergens het verschil maken. Er komt vast wel iets ingewikkeld op mijn pad, waar ik dan weer met heel veel energie en een hoop herrie induik. Ik ben geen stil muisje dat langs de kant zit en afwacht wat er gebeurt.’
Met welk gevoel neem je afscheid?
‘Rozet zit onder mijn huid. En wat ik wil benadrukken: het is een eer en een feest om leiding te mogen geven aan deze organisatie. We zetten hier zoveel prachtige dingen neer voor iedereen. Een bijdrage kunnen leveren aan de persoonlijke ontwikkeling van iemand, dat is toch prachtig? Wat er ook in de wereld gebeurt, of het nou in Oekraïne, Israël of Iran is, bij deze instelling komt iedereen over de vloer. Iedereen voelt zich bij ons thuis. Mede dankzij het diverse personeelsbestand, ons menselijk kapitaal. Daarom roep ik de overheid op om vooral ruimhartig te investeren in deze voor de plaatselijke samenleving zo belangrijke culturele organisatie. Als organisatie kunnen we in vrijheid onderzoeken wat deze stad of die ene wijk nodig heeft als het gaat om taal, kunst of erfgoed. Daar kunnen we als Rozet ons handelen op afstemmen en dat is geweldig. Natuurlijk hebben ook wij te maken met de gemeente en de provincie als investeerders, maar dat die geldschieters ons tegelijkertijd de kans geven om in vrijheid het verschil te maken, dat zie ik als een groot goed.’