Foto: De Grote Vriendelijke Leesclub

Foto: Bibliotheek Dommeldal

Foto: LinkedIN

Foto: Shutterstock

Video: AVROTROS

Irene van der Harst, collectiespecialist bij Probiblio.

Wat kan er misgaan tijdens een bijeenkomst van een leesclub? Het satirische programma Koefnoen (AVROTROS) maakte er in 2012 een sketch over. Het karakter Ipie wordt gespeeld door acteur Paul Groot.

De Grote Vriendelijke Leesclub in Overijssel.

Boekenclubs zijn er in alle soorten en maten: voor kinderen, jongeren en ouderen. Over literatuur, historische onderwerpen, en er is zelfs een boekenclub voor jeugdbibliothecarissen.

Collectiemedewerker Ton Smolders verzorgt onder andere het actueel houden van de boekendatabase en regelt ook de daadwerkelijke logistiek van het versturen van de boeken naar de gewenste bibliotheeklocatie.

Mijnleesclub.nl

Samen zwijgen of een open boek
Als je zo veel nieuwe boeken ziet binnenkomen, is het bijna onvermijdelijk dat je zelf ook veel leest.

Irene doet dat vaak individueel, maar ze is ook op de hoogte van de zogeheten Silent Book Clubs, afkomstig uit – het kan bijna niet anders – de Verenigde Staten.

‘Het is een trend n het genre van “samen lezen met anderen´. Een ontwikkeling die ik heel interessant vind en waar bibliotheken op in kunnen spelen. Na afloop nog even napraten over de leeservaringen mag, maar is zeker geen must, zoals in een traditionele leesclub.’ Als plezierige locatie om samen te zwijgen met een boek op schoot noemt Irene de ‘Bookstore’ aan het Noordeinde in Den Haag.

‘Regelmatig wordt daar op dinsdagavond zo’n bijeenkomst georganiseerd, met chocolade en rode wijn. Samen lezen met anderen werkt zo heel inspirerend.’

Nóg een leesinitiatief waarbij Irene met plezier van de partij is, is de leesclub van Probiblio.

‘Sinds corona werken wij bijna allemaal hybride, dus deels thuis. Dat betekent dat je elkaar minder vaak ziet. Door samen hetzelfde boek te lezen en er na afloop over te praten, leer je elkaar beter, of in ieder geval op een andere manier, kennen.’

65-min en veel lager
Vóór haar werk als collectiespecialist werkte Irene als medewerker programmering bij een bibliotheek. Om ook andere doelgroepen – met name jongeren – aan het lezen te krijgen (of houden), adviseert ze de bibliotheken om zo nu en dan wat stimulansen hiertoe in te bouwen in zowel marketing als programmering. ‘Bijvoorbeeld een pop up evenement rondom een bepaald thema. Of aansluitend bij landelijke campagnes, zoals de (Kinder)boekenweek of Heel Nederland Leest (Junior).’

Dat haar focus zich ook richt op de jongere lezerscategorie is niet zo verbazingwekkend, want als Probiblio-collectiespecialist is zij vooral gespecialiseerd in jeugd. ‘Booktok en manga zijn bijvoorbeeld trekkers voor jeugdige lezers.’

Zelf leest Irene ook wel young adult-literatuur, zoals ‘In het vervloekte hart’ door Rima Orie, in 2023 bekroond als het Beste Boek voor Jongeren in de categorie Oorspronkelijk Nederlandstalig.

‘Het is interessant om in de breedte op de hoogte te blijven van de literatuur. En voor mij is lezen ook ontspanning.’

65-plus
Een van de mensen die nieuwe titels bestelt voor Mijnleesclub.nl is Irene van der Harst, collectiespecialist bij Probiblio.

‘In de zomer van 2023 heb ik deze taak overgenomen van een vertrekkende collega’, vertelt ze. Stress om goede titels te selecteren heeft Irene niet. ‘Ik ben al ruim twee jaar actief als collectiespecialist bij Probiblio, en op de hoogte blijven van het nieuwste aanbod, bijvoorbeeld door het lezen van veel boekenrecensies, is bijna een automatisme.’

Doelgericht houdt Irene de trends en doelstellingen buiten de bibliotheeksector op het gebied van leesclubs in de gaten. ‘Vanwege de digitalisering zijn er bijvoorbeeld steeds meer online leesclubs te vinden, zoals op Hebban.nl. (een Nederlandstalige socialenetwerksite voor boekenliefhebbers – red.)

Door goed in contact te blijven met leescoördinatoren in bibliotheken ben ik goed op de hoogte van de wensen van leesclubs. Veel van onze leesclubs bestaan uit vrouwen van 65+ die veelal literatuur, psychologische romans en historische romans lezen. Maar leesclubs zijn populair, en we zien dan ook andere leesclubs ontstaan, zoals leesclubs die non-fictie lezen of leesclubs voor jeugdige leden.’

Veel leesclubs lenen regelmatig boekenpakketten bij de bibliotheek. Mijnleesclub.nl is een samenwerking van Probiblio met Rijnbrink en Flevomeer. In de provincies Noord- en Zuid-Holland, Overijssel en Flevoland kunnen leesclubs via deze website titels selecteren en reserveren, en vanuit provinciale distributiepunten worden die vervolgens als kant-en-klare pakketten afgeleverd bij de lokale bibliotheken. Voor Taalhuizen die pakketten voor gemakkelijk leesbare boeken willen aanschaffen, geldt dezelfde route.

De Grote Vriendelijke Leesclub van kinderboekengekken

Een belangrijke voorwaarde voor de samenwerking tussen school en bibliotheek is dat de leerlingen iedere dag 30 minuten de gelegenheid krijgen om vrij te lezen. Dat betekent dat ze zelf mogen kiezen welk boek ze daarvoor selecteren. Een populair genre op dit moment is de graphic novel.

Die vrijheid is ook belangrijk voor de jongste categorie lezers of luisteraars. Voorlezen wordt stevig gepromoot door de jeugdliteratuurexperts. Vanwege het positieve effect op de woordenschat en de spreekvaardigheid, maar ook vanwege het plezier. De beste leeftijd om met voorlezen te beginnen?

Jolande: ‘Een halfjaar is een mooie leeftijd. Jong geleerd is oud gedaan.’

‘Het is niet meer zoals vroeger toen kinderen met de duim in de mond aandachtig op de bank zaten te luisteren’, vult Hetty aan. ‘De kinderen van nu lijken een kortere spanningsboog te hebben. Als voorlezer moet je daarop alert zijn en kinderen meer uitdagen om “in” het verhaal te blijven.’

Het geheim van de smid zijn zogeheten monitorvragen: wat zou jij doen als je je moeder kwijtraakt in de supermarkt? ‘Dit zogeheten interactief voorlezen heeft ook nadelen. Ga vooral de verhaallijn niet onderbreken zolang dit niet nodig is.’

En zoek vooral nieuwe boekjes uit, sámen met je kind! De buitenkant van jeugdboeken speelt daarbij een belangrijke rol: sprekend en kleurig. Als twee voorbeelden van boeken die eigenlijk veel beter zijn dan de omslag op het eerste gezicht zou doen vermoeden, worden genoemd ‘Lampje’ door Annet Schaap, over een meisje dat met haar vader in een vuurtoren woont, en ‘Hart van staal’ door Simon van der Geest, een spannend verhaal over de kracht van muziek. ‘De tekening op de omslag van het boek begrijp je eigenlijk pas nadat je het boek gelezen hebt’, stelt Jolande, die dit eigenlijk een beetje jammer vindt. ‘Een gemiste kans op meer lezers.’

Als een trein
‘Het is onmogelijk om in je eentje volledig op de hoogte te zijn van het actuele aanbod aan kinderboeken’, klinkt als een zeer logische opmerking van Hetty Odenthal, consulent Voorschools en projectleider VoorleesExpress Deventer. ‘Maar om jeugdige lezers te enthousiasmeren voor boeken, is het wel zo handig als je als deskundige weet waarover je praat. En vooral: wat er allemaal te kiezen valt.’

Daar heeft Hetty jaren geleden al iets op bedacht, namelijk een leesclub voor alle belangstellende collega’s in de provincie Overijssel. Naar eigen zeggen werd het zaadje voor dit initiatief al zo’n vijftien jaar terug geplant op de terugweg in de trein, na een training ‘Open Boek’ voor leerkrachten die leescoördinator op school willen worden. Zulke trainingen worden georganiseerd door basisbibliotheken en Provinciale Ondersteuningsinstellingen.

‘Met een vroegere collega zat ik nog even na te praten, en daarna informeerden we elkaar over de nieuwe jeugdliteratuur die we recentelijk hadden gelezen. Zo ontstond het idee regelmatig een bijeenkomst voor jeugdbibliothecarissen te plannen om op professioneel niveau onze leeservaringen uit te wisselen.’

Toen Hetty dit idee lanceerde bij haar directe collega’s bleek vrijwel iedereen meteen enthousiast. Dat motiveerde haar om het voorstel op bredere schaal te introduceren, namelijk bij alle jeugdcollega’s in de gehele provincie Overijssel.

Bespreekbaar en behapbaar
Inmiddels komen de Overijsselse leesconsulenten en jeugdbibliothecarissen al bijna vijftien jaar drie keer per jaar bijeen, bijna altijd in Nijverdal, de hoofdvestiging van ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal.

‘De opkomst varieert van tien tot twaalf’, vertelt Jolande Broens, jeugdbibliothecaris ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal. Samen met Hetty organiseert zij de bijeenkomst en ook neemt ze van tevoren nauwgezet de eetwensen (broodje, salade) op, want in de tijd dat dit specialistenoverleg plaatsvindt – van vijf tot acht ’s avonds – vraagt ook de spreekwoordelijke innerlijke mens om aandacht.

Die binnenwereld komt ook aan bod bij de boekbesprekingen. De vraag ‘Wat doet dit boek met je?’ is minstens zo belangrijk als een kort en krachtig verslag van de inhoud.

Dat er in de huidige kinderboeken ook maatschappelijk geëngageerde thema’s aan bod komen, zoals adoptie, vluchtelingen en gezinnen met twee moeders of twee vaders, vinden Hetty en Jolande prima.

‘Zulke thema’s zijn nu eenmaal ook een tendens in het leven van nu, en het is goed als kinderen zich in zulke verhalen kunnen herkennen’, stelt Jolande, die daarbij wel graag wil nuanceren dat de indeling in A-, B-, C- en D-boeken er niet voor niets is en moet aansluiten bij de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

Globaal bezien zijn boeken in de A-categorie voor 6- tot 8-jarigen, B-boeken zijn geschikt voor de leeftijdscategorie 9 tot 11, voor C-boeken is 12 tot 15 het advies en D-boeken zijn bedoeld voor 16-plussers. Hetty: ‘Deze indeling is een leidraad, maar het is wel belangrijk om per boek, en ook per individueel kind, te kijken of dit een goede match is. Soms zijn boeken te spannend en aangrijpend voor de beleefwereld van kinderen, zoals rond heftige onderwerpen als drugs of zelfs een verkrachting.’

Fotofinish
Strenge regels over het lezen en beoordelen van jeugdliteratuur, voorafgaand aan een nieuwe bijeenkomst van de Grote Vriendelijke Leesclub bestaan er niet. ‘Inderdaad is er op deze manier het “risico” dat twee collega’s hetzelfde boek lezen’, erkent Jolande. ‘Een probleem is dat niet, want zo hoor je verschillende meningen vanuit diverse perspectieven. En dat is ook interessant.’

‘Hooguit bepalen we van tevoren een centraal thema’, vertelt Hetty. ‘Of we kiezen voor informatieve boeken.’ Op de vraag hoe alle aanwezigen de gedeelde boekentips onthouden, begint ze te lachen. ‘Vroeger maakten we nog een officieel verslag van iedere bijeenkomst. Maar dat gaat tegenwoordig op de moderne manier. Met de mobiel maak je foto’s van de boeken van je voorkeur.’

Hoewel ze blij is met de input van collega’s leest Hetty bijna alle boeken met vakkundige, positieve recensies evengoed nog zelf. ‘Dat geldt waarschijnlijk voor ons allemaal. We zijn échte kinderboekengekken!’ Ook minder goede beoordelingen geven waardevolle informatie. ‘Dan kun je concluderen dat je zo’n boek wellicht niet grootschalig onder de aandacht hoeft te brengen.’

Bij de les met vrijheid en blijheid
Een criterium om rekening mee te houden, wordt genoemd als ‘PC OK’, oftewel boeken die geschikt zijn voor protestants-christelijk onderwijs. ‘Geen sciencefiction, geen toekomstvoorspellingen en ook geen vloeken in de tekst’, vat Jolande samen. ‘In geval van twijfel is het beter om bepaalde boeken niet te introduceren. Bovendien is er zo veel aanbod aan jeugdliteratuur dat er altijd voldoende alternatieven voorhanden zijn.’

Jong geleerd is oud gedaan. Dus het is belangrijk dat kinderen niet alleen leren lezen, maar er liefst ook plezier in hebben, of gaandeweg krijgen. Deskundige begeleiding en de juiste leessuggesties geven daarbij soms nét het benodigde motiverende duwtje in de rug. Maar dan moet je als jeugdbibliothecaris wél weten wat er allemaal te kiezen valt. Ook hier gelden de wetten van de synergie, want samen lees je nu eenmaal méér dan alleen. Dat is de drijvende kracht van de Grote Vriendelijke Leesclub in Overijssel. En natuurlijk de twee organisatoren: Hetty Odenthal (Bibliotheek Deventer) en Jolande Broens (ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal).


Bibliotheek Dommeldal in de virtuele etalage

Magazijnmeester
Is het nooit eenzaam, in je eentje werken achter de schermen?

‘Nee!’, klinkt het beslist. ‘Bovendien heb ik veel contact, zowel met de bibliotheken als met de leesclubs. Allerhande vragen komen daarbij aan bod. Kunnen wij het boek wat eerder krijgen? Of een boek is licht beschadigd, wat moeten we nu doen? Ik doe mijn best om alles naar ieders tevredenheid te regelen.’

Dat hij hier kennelijk goed in slaagt, merkte Ton vorig jaar toen hij vanwege dringende familieomstandigheden tijdelijk even niet werkte. ‘Ik kon wel af en toe vanuit huis inloggen om toch wat te kunnen regelen. Het was hartverwarmend wat een fijne reacties ik daarop kreeg. Men was iedere keer blij dat vragen toch werden beantwoord, en dingen toch voor elkaar kwamen. Zulke ervaringen zijn de krenten in de pap.’

Eind maart kon Ton officieel met pensioen, maar hij heeft besloten om nog een tijdje twee dagen per week door te werken. ‘Niet omdat ik bang ben dat ik me anders ga vervelen, want juist door de inspiratie van mijn werk is ook mijn persoonlijke verlanglijstje van wat ik graag wil lezen behoorlijk lang geworden.’

Zijn voorkeur? ‘Liefst geschiedenis.’

Voorlopig focust Ton zich ook nog op de toekomst, en blijft hij nog even heer en meester in het leesclubmagazijn.

Stof
De leesclubcollectie van – Ton weet het precies – 478 exemplaren staat fysiek weliswaar in Geldrop, maar is niet alléén bestemd voor Bibliotheek Dommeldal.

‘Bijna alle basisbibliotheken in Noord-Brabant zijn gezamenlijk eigenaar, behalve de NOBB, Bibliotheek Breda en Bibliotheek Eindhoven’, vertelt hij.

De leesclubcollectie wordt door de deelnemende bibliotheken betaald naar rato van de grootte van de organisatie. Ieder jaar komt een afvaardiging vanuit die bibliotheken bijeen om de collectie kritisch onder de loep te nemen. Boeken die nauwelijks worden uitgeleend en louter stof staan te vergaren in de rekken verdwijnen uit het leesclubaanbod.

Het lijstje van de ‘afschrijvers’ maakt Ton. Als logistieke spin in het web ziet hij precies welke boeken regelmatig worden aangevraagd. ‘Basisbibliotheken voegen die laatste soms toe aan hun eigen collectie. En anders gaan deze boeken naar de ieder kwartaal georganiseerde openbare boekverkoop.’

Om de collectie op peil te houden, worden er jaarlijks zo’n 25 nieuwe titels voor de leesclubs aangeschaft.

Alle bibliotheken hebben daarbij uiteraard inbreng. Tijdens de jaarlijkse vergadering van alle deelnemende basisbibliotheken onder leiding van zijn collega Els de Regt, die ook de contacten met alle verbonden bibliotheken onderhoudt en de vergaderingen plant, wordt de uiteindelijke lijst met nieuwe titels vastgesteld.

Ton: ‘Doordat ik ook nog steeds in de uitleen werk, heb ik goed zicht op wat er individueel wordt uitgeleend. Zo krijg ik een indruk van de voorliefde voor bepaalde boeken. Uiteraard mogen ook toptitels niet ontbreken in het leesclubaanbod.’

Het invoeren van de nieuwe boeken in de online leesclubcatalogus doet Ton. Net als het al eerder genoemde logistieke proces. ‘Het voorjaar is de drukste periode, want in die tijd wordt de collectie ververst. Naast het maken van de leespakketten moeten ook alle nieuwe titels een plaats krijgen in het magazijn.’

Achterkant
Begin jaren ’90 van de vorige eeuw begon Ton bij Bibliotheek Dommeldal. ‘Ik ben er min of meer ingerold via de banenpool nadat ik werkloos was geworden. De bibliotheek Nuenen, gevestigd in een oud klooster, kende ik al. Als boekenwurm kwam ik daar regelmatig over de vloer. Maar nu leerde ik de bibliotheek ook van de achterkant kennen.’ Conciërge of manusje van alles, zo omschrijft hij zijn start in het bibliotheekwezen. ‘Ik had hiervoor geen specifieke opleiding gevolgd, dus ik moest het vak in de praktijk leren.’ Dat gebeurde onder meer tijdens de uren aan de balie. En vanwege organisatorische veranderingen kwam daar ook de serviceverlening aan boekenclubs bij.

‘In het verleden werden de boekenclubs bevoorraad door de vroegere PBC, nu Cubiss’, duikt Ton even in de geschiedenis. ‘Toen deze organisatie de logistiek wilde afstoten, was bibliotheeklocatie Nuenen bereid deze taak over te nemen. Dat gebeurde in 2009. Aanvankelijk deden twee collega’s dit, maar al snel werd een collega ziek en ging de andere later met pensioen.’

Zo werd Ton bijna automatisch ‘Mister Boekenclub’. Acht jaar later was er weer een verandering. ‘In 2014 liep het huurcontract van locatie Nuenen af, en hebben we besloten de gehele collectie te verplaatsen naar Geldrop, de hoofdlocatie van Bibliotheek Dommeldal. Simpelweg omdat daar ruimte beschikbaar was.’

Een inspiratierondje langs leesclubs in Nederland (Deel II)

Via Bibliotheek Dommeldal is het niet zo moeilijk een boek van je gading te vinden voor een boekenclub. De zogenoemde Leesclubshop (bereikbaar via de website) biedt een overzichtelijk aanbod, niet alleen te selecteren op titel of schrijver, maar ook per specifieke periode van zes weken, de gemiddelde tijd die een boekenclub wijdt aan een boek. In één oogopslag is zichtbaar wanneer én hoeveel exemplaren er nog te lenen zijn, en aanvragen kan simpelweg online. Iemand die hiervoor actief is achter de schermen, is collectiemedewerker Ton Smolders. Hij verzorgt het actueel houden van de boekendatabase (die periodiek wordt vernieuwd) en regelt ook de daadwerkelijke logistiek van het versturen van de boeken naar de gewenste bibliotheeklocatie. Of hij zet het pakketje klaar als iemand van een boekenclub heeft aangegeven dit zelf te komen ophalen in de hoofdlocatie in Geldrop.

Boeken geven niet zelden stof tot discussie. Terwijl de een zich vereenzelvigt met de held van het verhaal, vindt de ander misschien meer sympathie voor een ander personage. Er blijkt soms aanleiding tot verschuiving van perspectief nadat je het verhaal van een ándere kant hebt bekeken. Praatsessies met collega-leesgenieters zijn daarvoor misschien de beste inspiratiebron. Deel twee van een drieluik.
Deel I las u in Bibliotheekblad 7-2024 en deel III leest u in Bibliotheekblad 1-2025.

'Door samen een boek te lezen en te bespreken leer je elkaar goed kennen!'

Leesbevordering / leesclubs

TEKST: Linda van Pelt • Foto’s: zie credits langs zijkant

Bibliotheekblad 8 • oktober 2024

65-plus
Een van de mensen die nieuwe titels bestelt voor Mijnleesclub.nl is Irene van der Harst, collectiespecialist bij Probiblio.

‘In de zomer van 2023 heb ik deze taak overgenomen van een vertrekkende collega’, vertelt ze. Stress om goede titels te selecteren heeft Irene niet. ‘Ik ben al ruim twee jaar actief als collectiespecialist bij Probiblio, en op de hoogte blijven van het nieuwste aanbod, bijvoorbeeld door het lezen van veel boekenrecensies, is bijna een automatisme.’

Doelgericht houdt Irene de trends en doelstellingen buiten de bibliotheeksector op het gebied van leesclubs in de gaten. ‘Vanwege de digitalisering zijn er bijvoorbeeld steeds meer online leesclubs te vinden, zoals op Hebban.nl. (een Nederlandstalige socialenetwerksite voor boekenliefhebbers – red.)

Door goed in contact te blijven met leescoördinatoren in bibliotheken ben ik goed op de hoogte van de wensen van leesclubs. Veel van onze leesclubs bestaan uit vrouwen van 65+ die veelal literatuur, psychologische romans en historische romans lezen. Maar leesclubs zijn populair, en we zien dan ook andere leesclubs ontstaan, zoals leesclubs die non-fictie lezen of leesclubs voor jeugdige leden.’

65-min en veel lager
Vóór haar werk als collectiespecialist werkte Irene als medewerker programmering bij een bibliotheek. Om ook andere doelgroepen – met name jongeren – aan het lezen te krijgen (of houden), adviseert ze de bibliotheken om zo nu en dan wat stimulansen hiertoe in te bouwen in zowel marketing als programmering. ‘Bijvoorbeeld een pop up evenement rondom een bepaald thema. Of aansluitend bij landelijke campagnes, zoals de (Kinder)boekenweek of Heel Nederland Leest (Junior).’

Dat haar focus zich ook richt op de jongere lezerscategorie is niet zo verbazingwekkend, want als Probiblio-collectiespecialist is zij vooral gespecialiseerd in jeugd. ‘Booktok en manga zijn bijvoorbeeld trekkers voor jeugdige lezers.’

Zelf leest Irene ook wel young adult-literatuur, zoals ‘In het vervloekte hart’ door Rima Orie, in 2023 bekroond als het Beste Boek voor Jongeren in de categorie Oorspronkelijk Nederlandstalig.

‘Het is interessant om in de breedte op de hoogte te blijven van de literatuur. En voor mij is lezen ook ontspanning.’

Veel leesclubs lenen regelmatig boekenpakketten bij de bibliotheek. Mijnleesclub.nl is een samenwerking van Probiblio met Rijnbrink en Flevomeer. In de provincies Noord- en Zuid-Holland, Overijssel en Flevoland kunnen leesclubs via deze website titels selecteren en reserveren, en vanuit provinciale distributiepunten worden die vervolgens als kant-en-klare pakketten afgeleverd bij de lokale bibliotheken. Voor Taalhuizen die pakketten voor gemakkelijk leesbare boeken willen aanschaffen, geldt dezelfde route.

Mijnleesclub.nl

Een belangrijke voorwaarde voor de samenwerking tussen school en bibliotheek is dat de leerlingen iedere dag 30 minuten de gelegenheid krijgen om vrij te lezen. Dat betekent dat ze zelf mogen kiezen welk boek ze daarvoor selecteren. Een populair genre op dit moment is de graphic novel.

Die vrijheid is ook belangrijk voor de jongste categorie lezers of luisteraars. Voorlezen wordt stevig gepromoot door de jeugdliteratuurexperts. Vanwege het positieve effect op de woordenschat en de spreekvaardigheid, maar ook vanwege het plezier. De beste leeftijd om met voorlezen te beginnen?

Jolande: ‘Een halfjaar is een mooie leeftijd. Jong geleerd is oud gedaan.’

‘Het is niet meer zoals vroeger toen kinderen met de duim in de mond aandachtig op de bank zaten te luisteren’, vult Hetty aan. ‘De kinderen van nu lijken een kortere spanningsboog te hebben. Als voorlezer moet je daarop alert zijn en kinderen meer uitdagen om “in” het verhaal te blijven.’

Het geheim van de smid zijn zogeheten monitorvragen: wat zou jij doen als je je moeder kwijtraakt in de supermarkt? ‘Dit zogeheten interactief voorlezen heeft ook nadelen. Ga vooral de verhaallijn niet onderbreken zolang dit niet nodig is.’

En zoek vooral nieuwe boekjes uit, sámen met je kind! De buitenkant van jeugdboeken speelt daarbij een belangrijke rol: sprekend en kleurig. Als twee voorbeelden van boeken die eigenlijk veel beter zijn dan de omslag op het eerste gezicht zou doen vermoeden, worden genoemd ‘Lampje’ door Annet Schaap, over een meisje dat met haar vader in een vuurtoren woont, en ‘Hart van staal’ door Simon van der Geest, een spannend verhaal over de kracht van muziek. ‘De tekening op de omslag van het boek begrijp je eigenlijk pas nadat je het boek gelezen hebt’, stelt Jolande, die dit eigenlijk een beetje jammer vindt. ‘Een gemiste kans op meer lezers.’

Foto: Bibliotheek Dommeldal

Collectiemedewerker Ton Smolders verzorgt onder andere het actueel houden van de boekendatabase en regelt ook de daadwerkelijke logistiek van het versturen van de boeken naar de gewenste bibliotheeklocatie.

De Grote Vriendelijke Leesclub in Overijssel.

Foto: De Grote Vriendelijke Leesclub

Als een trein
‘Het is onmogelijk om in je eentje volledig op de hoogte te zijn van het actuele aanbod aan kinderboeken’, klinkt als een zeer logische opmerking van Hetty Odenthal, consulent Voorschools en projectleider VoorleesExpress Deventer. ‘Maar om jeugdige lezers te enthousiasmeren voor boeken, is het wel zo handig als je als deskundige weet waarover je praat. En vooral: wat er allemaal te kiezen valt.’

Daar heeft Hetty jaren geleden al iets op bedacht, namelijk een leesclub voor alle belangstellende collega’s in de provincie Overijssel. Naar eigen zeggen werd het zaadje voor dit initiatief al zo’n vijftien jaar terug geplant op de terugweg in de trein, na een training ‘Open Boek’ voor leerkrachten die leescoördinator op school willen worden. Zulke trainingen worden georganiseerd door basisbibliotheken en Provinciale Ondersteuningsinstellingen.

‘Met een vroegere collega zat ik nog even na te praten, en daarna informeerden we elkaar over de nieuwe jeugdliteratuur die we recentelijk hadden gelezen. Zo ontstond het idee regelmatig een bijeenkomst voor jeugdbibliothecarissen te plannen om op professioneel niveau onze leeservaringen uit te wisselen.’

Toen Hetty dit idee lanceerde bij haar directe collega’s bleek vrijwel iedereen meteen enthousiast. Dat motiveerde haar om het voorstel op bredere schaal te introduceren, namelijk bij alle jeugdcollega’s in de gehele provincie Overijssel.

Bespreekbaar en behapbaar
Inmiddels komen de Overijsselse leesconsulenten en jeugdbibliothecarissen al bijna vijftien jaar drie keer per jaar bijeen, bijna altijd in Nijverdal, de hoofdvestiging van ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal.

‘De opkomst varieert van tien tot twaalf’, vertelt Jolande Broens, jeugdbibliothecaris ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal. Samen met Hetty organiseert zij de bijeenkomst en ook neemt ze van tevoren nauwgezet de eetwensen (broodje, salade) op, want in de tijd dat dit specialistenoverleg plaatsvindt – van vijf tot acht ’s avonds – vraagt ook de spreekwoordelijke innerlijke mens om aandacht.

Die binnenwereld komt ook aan bod bij de boekbesprekingen. De vraag ‘Wat doet dit boek met je?’ is minstens zo belangrijk als een kort en krachtig verslag van de inhoud.

Dat er in de huidige kinderboeken ook maatschappelijk geëngageerde thema’s aan bod komen, zoals adoptie, vluchtelingen en gezinnen met twee moeders of twee vaders, vinden Hetty en Jolande prima.

‘Zulke thema’s zijn nu eenmaal ook een tendens in het leven van nu, en het is goed als kinderen zich in zulke verhalen kunnen herkennen’, stelt Jolande, die daarbij wel graag wil nuanceren dat de indeling in A-, B-, C- en D-boeken er niet voor niets is en moet aansluiten bij de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

Globaal bezien zijn boeken in de A-categorie voor 6- tot 8-jarigen, B-boeken zijn geschikt voor de leeftijdscategorie 9 tot 11, voor C-boeken is 12 tot 15 het advies en D-boeken zijn bedoeld voor 16-plussers. Hetty: ‘Deze indeling is een leidraad, maar het is wel belangrijk om per boek, en ook per individueel kind, te kijken of dit een goede match is. Soms zijn boeken te spannend en aangrijpend voor de beleefwereld van kinderen, zoals rond heftige onderwerpen als drugs of zelfs een verkrachting.’

Fotofinish
Strenge regels over het lezen en beoordelen van jeugdliteratuur, voorafgaand aan een nieuwe bijeenkomst van de Grote Vriendelijke Leesclub bestaan er niet. ‘Inderdaad is er op deze manier het “risico” dat twee collega’s hetzelfde boek lezen’, erkent Jolande. ‘Een probleem is dat niet, want zo hoor je verschillende meningen vanuit diverse perspectieven. En dat is ook interessant.’

‘Hooguit bepalen we van tevoren een centraal thema’, vertelt Hetty. ‘Of we kiezen voor informatieve boeken.’ Op de vraag hoe alle aanwezigen de gedeelde boekentips onthouden, begint ze te lachen. ‘Vroeger maakten we nog een officieel verslag van iedere bijeenkomst. Maar dat gaat tegenwoordig op de moderne manier. Met de mobiel maak je foto’s van de boeken van je voorkeur.’

Hoewel ze blij is met de input van collega’s leest Hetty bijna alle boeken met vakkundige, positieve recensies evengoed nog zelf. ‘Dat geldt waarschijnlijk voor ons allemaal. We zijn échte kinderboekengekken!’ Ook minder goede beoordelingen geven waardevolle informatie. ‘Dan kun je concluderen dat je zo’n boek wellicht niet grootschalig onder de aandacht hoeft te brengen.’

Bij de les met vrijheid en blijheid
Een criterium om rekening mee te houden, wordt genoemd als ‘PC OK’, oftewel boeken die geschikt zijn voor protestants-christelijk onderwijs. ‘Geen sciencefiction, geen toekomstvoorspellingen en ook geen vloeken in de tekst’, vat Jolande samen. ‘In geval van twijfel is het beter om bepaalde boeken niet te introduceren. Bovendien is er zo veel aanbod aan jeugdliteratuur dat er altijd voldoende alternatieven voorhanden zijn.’

Jong geleerd is oud gedaan. Dus het is belangrijk dat kinderen niet alleen leren lezen, maar er liefst ook plezier in hebben, of gaandeweg krijgen. Deskundige begeleiding en de juiste leessuggesties geven daarbij soms nét het benodigde motiverende duwtje in de rug. Maar dan moet je als jeugdbibliothecaris wél weten wat er allemaal te kiezen valt. Ook hier gelden de wetten van de synergie, want samen lees je nu eenmaal méér dan alleen. Dat is de drijvende kracht van de Grote Vriendelijke Leesclub in Overijssel. En natuurlijk de twee organisatoren: Hetty Odenthal (Bibliotheek Deventer) en Jolande Broens (ZINiN Bibliotheek Hellendoorn-Nijverdal).


De Grote Vriendelijke Leesclub van kinderboekengekken

Magazijnmeester
Is het nooit eenzaam, in je eentje werken achter de schermen?

‘Nee!’, klinkt het beslist. ‘Bovendien heb ik veel contact, zowel met de bibliotheken als met de leesclubs. Allerhande vragen komen daarbij aan bod. Kunnen wij het boek wat eerder krijgen? Of een boek is licht beschadigd, wat moeten we nu doen? Ik doe mijn best om alles naar ieders tevredenheid te regelen.’

Dat hij hier kennelijk goed in slaagt, merkte Ton vorig jaar toen hij vanwege dringende familieomstandigheden tijdelijk even niet werkte. ‘Ik kon wel af en toe vanuit huis inloggen om toch wat te kunnen regelen. Het was hartverwarmend wat een fijne reacties ik daarop kreeg. Men was iedere keer blij dat vragen toch werden beantwoord, en dingen toch voor elkaar kwamen. Zulke ervaringen zijn de krenten in de pap.’

Eind maart kon Ton officieel met pensioen, maar hij heeft besloten om nog een tijdje twee dagen per week door te werken. ‘Niet omdat ik bang ben dat ik me anders ga vervelen, want juist door de inspiratie van mijn werk is ook mijn persoonlijke verlanglijstje van wat ik graag wil lezen behoorlijk lang geworden.’

Zijn voorkeur? ‘Liefst geschiedenis.’

Voorlopig focust Ton zich ook nog op de toekomst, en blijft hij nog even heer en meester in het leesclubmagazijn.

Stof
De leesclubcollectie van – Ton weet het precies – 478 exemplaren staat fysiek weliswaar in Geldrop, maar is niet alléén bestemd voor Bibliotheek Dommeldal.

‘Bijna alle basisbibliotheken in Noord-Brabant zijn gezamenlijk eigenaar, behalve de NOBB, Bibliotheek Breda en Bibliotheek Eindhoven’, vertelt hij.

De leesclubcollectie wordt door de deelnemende bibliotheken betaald naar rato van de grootte van de organisatie. Ieder jaar komt een afvaardiging vanuit die bibliotheken bijeen om de collectie kritisch onder de loep te nemen. Boeken die nauwelijks worden uitgeleend en louter stof staan te vergaren in de rekken verdwijnen uit het leesclubaanbod.

Het lijstje van de ‘afschrijvers’ maakt Ton. Als logistieke spin in het web ziet hij precies welke boeken regelmatig worden aangevraagd. ‘Basisbibliotheken voegen die laatste soms toe aan hun eigen collectie. En anders gaan deze boeken naar de ieder kwartaal georganiseerde openbare boekverkoop.’

Om de collectie op peil te houden, worden er jaarlijks zo’n 25 nieuwe titels voor de leesclubs aangeschaft.

Alle bibliotheken hebben daarbij uiteraard inbreng. Tijdens de jaarlijkse vergadering van alle deelnemende basisbibliotheken onder leiding van zijn collega Els de Regt, die ook de contacten met alle verbonden bibliotheken onderhoudt en de vergaderingen plant, wordt de uiteindelijke lijst met nieuwe titels vastgesteld.

Ton: ‘Doordat ik ook nog steeds in de uitleen werk, heb ik goed zicht op wat er individueel wordt uitgeleend. Zo krijg ik een indruk van de voorliefde voor bepaalde boeken. Uiteraard mogen ook toptitels niet ontbreken in het leesclubaanbod.’

Het invoeren van de nieuwe boeken in de online leesclubcatalogus doet Ton. Net als het al eerder genoemde logistieke proces. ‘Het voorjaar is de drukste periode, want in die tijd wordt de collectie ververst. Naast het maken van de leespakketten moeten ook alle nieuwe titels een plaats krijgen in het magazijn.’

Foto: Shutterstock

Foto: Bibliotheek Deventer

Achterkant
Begin jaren ’90 van de vorige eeuw begon Ton bij Bibliotheek Dommeldal. ‘Ik ben er min of meer ingerold via de banenpool nadat ik werkloos was geworden. De bibliotheek Nuenen, gevestigd in een oud klooster, kende ik al. Als boekenwurm kwam ik daar regelmatig over de vloer. Maar nu leerde ik de bibliotheek ook van de achterkant kennen.’ Conciërge of manusje van alles, zo omschrijft hij zijn start in het bibliotheekwezen. ‘Ik had hiervoor geen specifieke opleiding gevolgd, dus ik moest het vak in de praktijk leren.’ Dat gebeurde onder meer tijdens de uren aan de balie. En vanwege organisatorische veranderingen kwam daar ook de serviceverlening aan boekenclubs bij.

‘In het verleden werden de boekenclubs bevoorraad door de vroegere PBC, nu Cubiss’, duikt Ton even in de geschiedenis. ‘Toen deze organisatie de logistiek wilde afstoten, was bibliotheeklocatie Nuenen bereid deze taak over te nemen. Dat gebeurde in 2009. Aanvankelijk deden twee collega’s dit, maar al snel werd een collega ziek en ging de andere later met pensioen.’

Zo werd Ton bijna automatisch ‘Mister Boekenclub’. Acht jaar later was er weer een verandering. ‘In 2014 liep het huurcontract van locatie Nuenen af, en hebben we besloten de gehele collectie te verplaatsen naar Geldrop, de hoofdlocatie van Bibliotheek Dommeldal. Simpelweg omdat daar ruimte beschikbaar was.’

Via Bibliotheek Dommeldal is het niet zo moeilijk een boek van je gading te vinden voor een boekenclub. De zogenoemde Leesclubshop (bereikbaar via de website) biedt een overzichtelijk aanbod, niet alleen te selecteren op titel of schrijver, maar ook per specifieke periode van zes weken, de gemiddelde tijd die een boekenclub wijdt aan een boek. In één oogopslag is zichtbaar wanneer én hoeveel exemplaren er nog te lenen zijn, en aanvragen kan simpelweg online. Iemand die hiervoor actief is achter de schermen, is collectiemedewerker Ton Smolders. Hij verzorgt het actueel houden van de boekendatabase (die periodiek wordt vernieuwd) en regelt ook de daadwerkelijke logistiek van het versturen van de boeken naar de gewenste bibliotheeklocatie. Of hij zet het pakketje klaar als iemand van een boekenclub heeft aangegeven dit zelf te komen ophalen in de hoofdlocatie in Geldrop.

Bibliotheek Dommeldal in de virtuele etalage

Boekenclubs zijn er in alle soorten en maten: voor kinderen, jongeren en ouderen. Over literatuur, historische onderwerpen, en er is zelfs een boekenclub voor jeugdbibliothecarissen.

Ook Math Göbbels heeft in zijn podcast De bieb is meer aandacht besteed aan het project van Bibliotheek Meerssen. Hij praat daarin met Bastiënne, Cyril en Jeroen, de leerlingen die de winnende podcast hebben gemaakt: een drieluik over de oorlog in Oekraïne. Hoe kwamen ze op het idee? Waarom werd het zo’n groots project? Wie deed wat? En vooral: welke podcasttips hebben ze voor andere leerlingen? Het gesprek is hieronder terug te beluisteren.


Een inspiratierondje langs leesclubs in Nederland (Deel II)

Boeken geven niet zelden stof tot discussie. Terwijl de een zich vereenzelvigt met de held van het verhaal, vindt de ander misschien meer sympathie voor een ander personage. Er blijkt soms aanleiding tot verschuiving van perspectief nadat je het verhaal van een ándere kant hebt bekeken. Praatsessies met collega-leesgenieters zijn daarvoor misschien de beste inspiratiebron. Deel twee van een drieluik.
Deel I las u in Bibliotheekblad 7-2024 en deel III leest u in Bibliotheekblad 1-2025.

Video: AVROTROS

Wat kan er misgaan tijdens een bijeenkomst van een leesclub? Het satirische programma Koefnoen (AVROTROS) maakte er in 2012 een sketch over. Het karakter Ipie wordt gespeeld door acteur Paul Groot.

Samen zwijgen of een open boek
Als je zo veel nieuwe boeken ziet binnenkomen, is het bijna onvermijdelijk dat je zelf ook veel leest.

Irene doet dat vaak individueel, maar ze is ook op de hoogte van de zogeheten Silent Book Clubs, afkomstig uit – het kan bijna niet anders – de Verenigde Staten.

‘Het is een trend n het genre van “samen lezen met anderen´. Een ontwikkeling die ik heel interessant vind en waar bibliotheken op in kunnen spelen. Na afloop nog even napraten over de leeservaringen mag, maar is zeker geen must, zoals in een traditionele leesclub.’ Als plezierige locatie om samen te zwijgen met een boek op schoot noemt Irene de ‘Bookstore’ aan het Noordeinde in Den Haag.

‘Regelmatig wordt daar op dinsdagavond zo’n bijeenkomst georganiseerd, met chocolade en rode wijn. Samen lezen met anderen werkt zo heel inspirerend.’

Nóg een leesinitiatief waarbij Irene met plezier van de partij is, is de leesclub van Probiblio.

‘Sinds corona werken wij bijna allemaal hybride, dus deels thuis. Dat betekent dat je elkaar minder vaak ziet. Door samen hetzelfde boek te lezen en er na afloop over te praten, leer je elkaar beter, of in ieder geval op een andere manier, kennen.’

Foto: LinkedIN

Irene van der Harst, collectiespecialist bij Probiblio.

Bibliotheekblad 8 • oktober 2024

'Door samen een boek te lezen en te bespreken leer je elkaar goed kennen!'

TEKST: Linda van Pelt • Foto’s: zie credits langs zijkant

Leesbevordering / leesclubs

Naast de in dit artikel genoemde initiatieven, verzorgt GO opleidingen ook al enige tijd opleidingsactiviteiten gericht op de frontoffice. Naast de Basisopleiding Bibliotheken (13-daagse opleiding), die zich juist richt op de klantgerichte informatievaardigheden en communicatie op de werkvloer, zijn de laatste jaren ook titels zoals 'Omgaan met grensoverschrijdend gedrag', 'Digitale informatievaardigheden', 'Coach Digitaal Burgerschap' en 'Customer Journey' toegevoegd aan het aanbod. GO opleidingen richt zich op medewerkers, die al in de bibliotheek werkzaam zijn en hun kennis en vaardigheden op het juiste niveau willen brengen. Het gehele aanbod is te vinden op: www.goopleidingen.nl