Hanne Marckmann van Go Wonder.

De geschiedenis van de Tellmies

En Go Wonder is op zoek gegaan naar mogelijkheden in andere sectoren. 'Een collega heeft contact gelegd met Innovatieteam Flevoland dat de Tellmie herkende als een superlaagdrempelig middel om allerlei doelgroepen iets te vertellen. Uiteindelijk was Flevoland enthousiast, had er een budget voor én een specifieke doelgroep voor ogen: NT2-gezinnen. Samen met hen hebben we AI ingezet om de Tellmie veel talen te kunnen laten spreken.'

Goede verkoopprijs
Het interessante aan de Tellmie voor de bibliotheken is de schaalbaarheid. De personages voor musea zijn gekoppeld aan specifieke collecties of tentoonstellingen. Maar bibliotheken hebben allemaal dezelfde structuur – dus allemaal, zoals De Nieuwe Bibliotheek en Flevomeer, een jeugdafdeling met aparte hoekjes voor prentenboeken, makkelijke lezen-boeken etcetera. Deze structuur blijft in principe ook langdurig hetzelfde.

Marckmann: 'We proberen daarom meer bibliotheken hiervoor te enthousiasmeren. Maar meer dan bij musea is de financiering lastig. Musea hebben vaste budgetten voor educatie en exposities waaruit wij kunnen worden betaald. Bij bibliotheken moet ons product net goed vallen. Wij horen nu vaak dat het budget voor dit jaar al aan een ander project is besteed. Of dat de focus nu op een ander thema ligt. Tegen die achtergrond is het ook lastig bepalen wat een goede verkoopprijs is. Wel zijn we al in gesprek met diverse bibliotheken en POI’s en bereiden we een gezamenlijke inkoopactie voor.

Go Wonder is daarom nog 'een beetje zoekende'. Maar dat weerhoudt het bedrijf er niet van om al verder te denken. 'We zouden graag een voorlees-Tellmie maken, die dankzij een AI-assistent kan lezen. We experimenteren er al mee, maar willen dat met een bibliotheek verder ontwikkelen. Want alleen op grond van hun wensen weten we hoeveel boeken hij moet kunnen voorlezen of dat hij al dan niet uitleenbaar zou moeten zijn. Bij dit soort innovaties heb je echt een partner in het veld nodig, die de broodnodige context geeft om het idee volwassen te laten worden.'

Het begon eigenlijk met een heel simpel idee. Toen Hanne Marckmann, freelancer in de museumwereld, op een museumschip rondliep en nadacht over alle verhalen die zij wel en de bezoekers niet kenden over dat schip, schoot haar te binnen: hoe gaaf zou het zijn als een papegaai op je schouder je die verhalen vertelt? Geen walkman, walkietalkie of app op je telefoon dus, zoals musea al decennia aanbieden, maar werkelijk een personage die je gidst.

'Toch is het technisch nog best ingewikkeld', vertelt Marckmann. 'We wilden geen klassieke audiotour waarvoor je iets in je oor moet stoppen, maar open audio. De gezamenlijke ervaring is belangrijk. Ook moet de Tellmie interactief zijn, zodat hij reageert als je hem aait of schudt. En we ontwerpen er een heel personage bij met een verhaal, zodat je als gebruiker een reason why hebt waarom je op pad gaat. Zoals de welpjes die vos Luna kwijt is.'

Go Wonder, het bedrijf dat ze met enkele partners oprichtte, maakt niet voor niets alles zelf. 'De hardware: de moederbordjes, de behuizing eromheen, de i/o-sensoren, de knuffels, de scripts, een online dashboard erachter, zodat je kunt zien hoe vaak waar wordt gestopt en hoeveel procent de batterij nog is opgeladen – alles. Dat allemaal maken vereist een gekke combinatie van skillsets.'

En nu de bibliotheken
Het duurde een half jaar voordat een eerste prototype gereed was. Het museumschip had er toen door wisseling van personeel geen belangstelling meer voor. In 2018 was dat. Maar dankzij museum Boijmans van Beuningen en Batavialand die er als eerste mee wilden experimenteren, zijn de aaibare audiogidsen toch aardig ingeburgerd geraakt in de sector waarvoor hij is ontwikkeld. Een tiental musea hebben inmiddels een eigen Tellmie.

In Almere is Luna een Poes. Dronten koos voor een vos, omdat vossen veel in de buurt van Dronten voorkomen.

Vos Luna in FlevoMeer Bibliotheek.

Ontdek de jeugdafdeling met vos Luna

Is een aaibare audiogids in meerdere talen de toekomst? De Flevolandse bibliotheken hebben dit jaar de primeur. 'De aantrekkingskracht van de knuffel en het spelelement is groot.'

Met een vos in vijf talen door de bieb

Digitale geletterheid / Interactiviteit / leesbevordering

TEKST: Maarten Dessing • Video en foto’s: de Bibliotheek Flevomeer

Natuurlijk kan iedere medewerker in de front office onwennige gezinnen bij hun eerste bezoek uitleggen waar wat staat en hoe alles werkt. Vertrouw het ze gerust toe dat zo enthousiast en warm te doen dat ouders en kinderen zich welkom voelen. Maar in Flevoland kan het ook anders. Sinds kort hebben FlevoMeer Bibliotheek en De Nieuwe Bibliotheek een Tellmie – om precies te zijn de vestigingen in Dronten, Urk, Lelystad, Zeewolde, Noordoostpolder (FlevoMeer) en Almere (DNB).

Of, nou ja, een Tellmie? Bij FlevoMeer spreken ze van Luna. Lisette van Kasteren, adviseur digitale geletterdheid en leesconsulent VO van FlevoMeer, laat haar zien in de bibliotheek van Dronten, waar ze zelf ook woont. Ogenschijnlijk is het een knuffel van een vos, die wordt bewaard in een mand achter de welkomstbalie. Maar in haar binnenste zit een boel technologie, waardoor Luna jonge kinderen van 6 tot 9 jaar wegwijs kan maken op de jeugdafdeling.

'Je start Luna door haar te schudden', legt ze uit. 'En je kunt steeds een stap verder gaan door over haar bol te aaien. Dat vindt ze lekker, zegt ze steeds. Ze geeft ook aan wanneer je dat moet doen. Luna vertelt kinderen dat ze met haar zeven welpjes in de bibliotheek is komen wonen omdat ze het daar zo leuk vinden, maar dat haar welpjes zich hebben verstopt – waarschijnlijk bij de kinderboeken. Kunnen de kinderen hen voor haar zoeken?'

AI-klonen
Het primaire doel van Luna is om gezinnen met Nederlands als tweede taal te laten kennismaken met dé plek waar ze hun taalvaardigheid kunnen verbeteren. Als nieuwkomers en andere NT2-doelgroepen binnenkomen of – waarschijnlijker – via samenwerkingen met de voorschoolse opvang, Huis voor Taal, de Home-Start-opvoedondersteuning van Humanitas of anderszins naar de bibliotheek worden geleid, helpt de vos ouders met hun kinderen wegwijs te worden in de bibliotheek.

Daarom is de Tellmie er ook in meerdere talen. Op dit moment zijn dat er vijf. Naast het Nederlands zijn dat Engels, Pools, Turks en modern Arabisch. 'We overwegen Tigrinya en Oekraïens toe te voegen. Technisch is het in ieder geval makkelijk. Stemactrice Kilke van Buren heeft de teksten in het Nederlands en Engels ingesproken. Met AI kunnen we haar stem klonen en in elke taal van de wereld laten spreken. Dat werkt verbazingwekkend goed.'

Ontdekken & terugkomen
Volgens Van Kasteren heeft zo'n meertalige knuffel een duidelijk voordeel ten opzichte van de miniboekjes van het Prentenboek van het Jaar die tegenwoordig gratis bij De Nationale Voorleesdagen worden weggegeven – afgelopen januari in het Pools, Turks, Arabisch, Oekraïens, Papiamento en Papiamentu. 'Het boekje waar ik ook fan van ben, kunnen ze hier ophalen, maar met de tour blíjven ze ook. Dan kunnen ze ontdekken wat we hebben en daarna terugkomen.'

Daar komt bij dat ze Luna steeds opnieuw kunnen gebruiken. 'De aantrekkingskracht van de knuffel en het spelelement is groot. De gehele tour met alle zeven welpjes kost bij elkaar zo’n driekwartier. Maar omdat de tour gelukkig niet lineair is, kan je ook na één of twee welpjes al stoppen. Reden te meer om vervolgens nog eens terug te komen om de andere welpjes te gaan zoeken. We verwachten zeker dat kinderen hem vaker willen gebruiken.'

Dat komt de taalverwerving alleen maar ten goede. 'Kinderen kunnen bijvoorbeeld de eerste keer voor hun moedertaal kiezen en de tweede keer in het Nederlands, als ze al weten wat ze kunnen verwachten en wat voor opdrachtjes ze moeten doen. Omdat kinderen vaak al wat beter Nederlands kunnen dan hun ouders, zal het ook gebeuren dat ze Luna in die taal willen en dat juist hun ouders wat woorden oppikken.

Leesbevordering
Zo kort na de introductie van Luna – of zoals ze bij FlevoMeer zeggen: nadat Luna met haar welpjes in de bieb is komen wonen – is het nog te vroeg om iets te zeggen over de ontvangst van de aaibare audiogids. De eerste reacties zijn enthousiast. Maar of de vos écht aanslaat? En bijvoorbeeld welke taal het meest wordt gekozen? Go Wonder, die op afstand betrokken blijft voor onder meer service en onderhoud, heeft nog geen data te delen.

Toch droomt de bibliotheek alvast van meer. Door Luna in te zetten voor leesbevordering bijvoorbeeld. De vos kan natuurlijk heel goed helpen bij het zoeken van een geschikt boek door kinderen te wijzen naar verschillende afdelingen en wat voor titels je daar kunt vinden. Ook de huidige doelgroep van 6 tot 9 jaar kan worden verruimd. Wat dat betreft staat de ontwikkeling van de Tellmie's in de bibliotheek nog maar aan het begin.

Vrachtwagen
Op de afdeling staan, nog best goed verstopt, zeven kleine kastjes met daarin de zeven welpjes, die allemaal zijn gekleed in hun eigen kleur – zodat kinderen makkelijker in de gaten kunnen houden of ze een welpje al hebben gehad. Door Luna dichtbij genoeg te houden en te aaien, begint ze te praten over het welpje en de afdeling. Bij de informatieve boeken, de strips, de makkelijke boeken, de speelvloer enzovoorts. Bij ieder welpje krijgen de kinderen een kleine opdracht.

Neem Mo, in de kast Leren Lezen. Mo heeft net een nieuw woord leren lezen, vertelt Luna, schijnbaar in dialoog met Mo: vrachtwagen. 'Dat is een lang en moeilijk woord, zeg!' Als het kind ook weleens een vrachtwagen heeft gezien, mag die Luna aaien. Daarna krijgt het kind de opdracht een nieuw boek te zoeken, 'een boek met de letter E op de zijkant'. Is dat gelukt, dan mag je het laten zien. En zo weet je waar de boeken met AVI-niveau M3 staan.

Kai & FlikVlooi
De Tellmie is ontwikkeld door het Delftse bedrijf Go Wonder, dat zich specialiseert in 'magische tactiel-technische oplossingen voor educatieve of playful toepassingen' (zie kader). In eerste instantie werden ze ingezet als aaibare audiogids in musea. Zo kun je in het Maritiem Museum in Rotterdam met de krab Kai door de expositie Plons, heeft het Onderwijsmuseum in Dordrecht de FlikVlooi, en zet het Rijksmuseum kinderen op 'muizenjacht' met Pim en Pom.

In de bibliotheeksector hebben de Flevolandse bibliotheken de primeur. Go Wonder werkte daarvoor samen met het Innovatieteam Flevoland, dat met financiële steun van de provincie (139.000 euro per jaar) projecten ondersteunt om de maatschappelijke relevantie van de bibliotheek te versterken. Projecten op thema's als de aanpak van laaggeletterdheid, participatie in de informatiesamenleving of een leven lang ontwikkelen. Elk jaar ligt de focus op een ander thema.

Oranje
FlevoMeer en De Nieuwe Bibliotheek hebben allebei een eigen dier: respectievelijk een poes en een vos. Maar vergis je niet in dat uiterlijk: ze volgen precies hetzelfde script. Niet voor niets heten ze allebei Luna. 'Wij zouden eigenlijk ook een poes nemen,', zegt Van Kasteren, 'maar we zijn eigenwijs: een vos past beter bij de polders en de natuur in dit deel van Flevoland. De oranje kleur van de vos past ook goed bij de hele uitstraling van FlevoMeer.'

Deze uniformiteit van het script heeft uiteraard gevolgen voor de gebruikte teksten. De makkelijk lezen-afdeling of de beweegvloer heeft niet bij beide bibliotheken dezelfde naam. Ook kun je kinderen geen hints geven om Luna's kinderen te vinden in de trant van 'zoek achterin'. Alles staat in de zes betrokken vestigingen op andere plekken. Maar dat zijn details. Alle gesprekken tussen Luna en haar welpjes (voor zover beluisterd) voelen natuurlijk en persoonlijk.

Bibliotheekblad 5 • mei 2025

Hanne Marckmann van Go Wonder.

De geschiedenis van de Tellmies

En Go Wonder is op zoek gegaan naar mogelijkheden in andere sectoren. 'Een collega heeft contact gelegd met Innovatieteam Flevoland dat de Tellmie herkende als een superlaagdrempelig middel om allerlei doelgroepen iets te vertellen. Uiteindelijk was Flevoland enthousiast, had er een budget voor én een specifieke doelgroep voor ogen: NT2-gezinnen. Samen met hen hebben we AI ingezet om de Tellmie veel talen te kunnen laten spreken.'

Goede verkoopprijs
Het interessante aan de Tellmie voor de bibliotheken is de schaalbaarheid. De personages voor musea zijn gekoppeld aan specifieke collecties of tentoonstellingen. Maar bibliotheken hebben allemaal dezelfde structuur – dus allemaal, zoals De Nieuwe Bibliotheek en Flevomeer, een jeugdafdeling met aparte hoekjes voor prentenboeken, makkelijke lezen-boeken etcetera. Deze structuur blijft in principe ook langdurig hetzelfde.

Marckmann: 'We proberen daarom meer bibliotheken hiervoor te enthousiasmeren. Maar meer dan bij musea is de financiering lastig. Musea hebben vaste budgetten voor educatie en exposities waaruit wij kunnen worden betaald. Bij bibliotheken moet ons product net goed vallen. Wij horen nu vaak dat het budget voor dit jaar al aan een ander project is besteed. Of dat de focus nu op een ander thema ligt. Tegen die achtergrond is het ook lastig bepalen wat een goede verkoopprijs is. Wel zijn we al in gesprek met diverse bibliotheken en POI’s en bereiden we een gezamenlijke inkoopactie voor.

Go Wonder is daarom nog 'een beetje zoekende'. Maar dat weerhoudt het bedrijf er niet van om al verder te denken. 'We zouden graag een voorlees-Tellmie maken, die dankzij een AI-assistent kan lezen. We experimenteren er al mee, maar willen dat met een bibliotheek verder ontwikkelen. Want alleen op grond van hun wensen weten we hoeveel boeken hij moet kunnen voorlezen of dat hij al dan niet uitleenbaar zou moeten zijn. Bij dit soort innovaties heb je echt een partner in het veld nodig, die de broodnodige context geeft om het idee volwassen te laten worden.'

Het begon eigenlijk met een heel simpel idee. Toen Hanne Marckmann, freelancer in de museumwereld, op een museumschip rondliep en nadacht over alle verhalen die zij wel en de bezoekers niet kenden over dat schip, schoot haar te binnen: hoe gaaf zou het zijn als een papegaai op je schouder je die verhalen vertelt? Geen walkman, walkietalkie of app op je telefoon dus, zoals musea al decennia aanbieden, maar werkelijk een personage die je gidst.

'Toch is het technisch nog best ingewikkeld', vertelt Marckmann. 'We wilden geen klassieke audiotour waarvoor je iets in je oor moet stoppen, maar open audio. De gezamenlijke ervaring is belangrijk. Ook moet de Tellmie interactief zijn, zodat hij reageert als je hem aait of schudt. En we ontwerpen er een heel personage bij met een verhaal, zodat je als gebruiker een reason why hebt waarom je op pad gaat. Zoals de welpjes die vos Luna kwijt is.'

Go Wonder, het bedrijf dat ze met enkele partners oprichtte, maakt niet voor niets alles zelf. 'De hardware: de moederbordjes, de behuizing eromheen, de i/o-sensoren, de knuffels, de scripts, een online dashboard erachter, zodat je kunt zien hoe vaak waar wordt gestopt en hoeveel procent de batterij nog is opgeladen – alles. Dat allemaal maken vereist een gekke combinatie van skillsets.'

En nu de bibliotheken
Het duurde een half jaar voordat een eerste prototype gereed was. Het museumschip had er toen door wisseling van personeel geen belangstelling meer voor. In 2018 was dat. Maar dankzij museum Boijmans van Beuningen en Batavialand die er als eerste mee wilden experimenteren, zijn de aaibare audiogidsen toch aardig ingeburgerd geraakt in de sector waarvoor hij is ontwikkeld. Een tiental musea hebben inmiddels een eigen Tellmie.

AI-klonen
Het primaire doel van Luna is om gezinnen met Nederlands als tweede taal te laten kennismaken met dé plek waar ze hun taalvaardigheid kunnen verbeteren. Als nieuwkomers en andere NT2-doelgroepen binnenkomen of – waarschijnlijker – via samenwerkingen met de voorschoolse opvang, Huis voor Taal, de Home-Start-opvoedondersteuning van Humanitas of anderszins naar de bibliotheek worden geleid, helpt de vos ouders met hun kinderen wegwijs te worden in de bibliotheek.

Daarom is de Tellmie er ook in meerdere talen. Op dit moment zijn dat er vijf. Naast het Nederlands zijn dat Engels, Pools, Turks en modern Arabisch. 'We overwegen Tigrinya en Oekraïens toe te voegen. Technisch is het in ieder geval makkelijk. Stemactrice Kilke van Buren heeft de teksten in het Nederlands en Engels ingesproken. Met AI kunnen we haar stem klonen en in elke taal van de wereld laten spreken. Dat werkt verbazingwekkend goed.'

Ontdekken & terugkomen
Volgens Van Kasteren heeft zo'n meertalige knuffel een duidelijk voordeel ten opzichte van de miniboekjes van het Prentenboek van het Jaar die tegenwoordig gratis bij De Nationale Voorleesdagen worden weggegeven – afgelopen januari in het Pools, Turks, Arabisch, Oekraïens, Papiamento en Papiamentu. 'Het boekje waar ik ook fan van ben, kunnen ze hier ophalen, maar met de tour blíjven ze ook. Dan kunnen ze ontdekken wat we hebben en daarna terugkomen.'

Daar komt bij dat ze Luna steeds opnieuw kunnen gebruiken. 'De aantrekkingskracht van de knuffel en het spelelement is groot. De gehele tour met alle zeven welpjes kost bij elkaar zo’n driekwartier. Maar omdat de tour gelukkig niet lineair is, kan je ook na één of twee welpjes al stoppen. Reden te meer om vervolgens nog eens terug te komen om de andere welpjes te gaan zoeken. We verwachten zeker dat kinderen hem vaker willen gebruiken.'

Dat komt de taalverwerving alleen maar ten goede. 'Kinderen kunnen bijvoorbeeld de eerste keer voor hun moedertaal kiezen en de tweede keer in het Nederlands, als ze al weten wat ze kunnen verwachten en wat voor opdrachtjes ze moeten doen. Omdat kinderen vaak al wat beter Nederlands kunnen dan hun ouders, zal het ook gebeuren dat ze Luna in die taal willen en dat juist hun ouders wat woorden oppikken.

Leesbevordering
Zo kort na de introductie van Luna – of zoals ze bij FlevoMeer zeggen: nadat Luna met haar welpjes in de bieb is komen wonen – is het nog te vroeg om iets te zeggen over de ontvangst van de aaibare audiogids. De eerste reacties zijn enthousiast. Maar of de vos écht aanslaat? En bijvoorbeeld welke taal het meest wordt gekozen? Go Wonder, die op afstand betrokken blijft voor onder meer service en onderhoud, heeft nog geen data te delen.

Toch droomt de bibliotheek alvast van meer. Door Luna in te zetten voor leesbevordering bijvoorbeeld. De vos kan natuurlijk heel goed helpen bij het zoeken van een geschikt boek door kinderen te wijzen naar verschillende afdelingen en wat voor titels je daar kunt vinden. Ook de huidige doelgroep van 6 tot 9 jaar kan worden verruimd. Wat dat betreft staat de ontwikkeling van de Tellmie's in de bibliotheek nog maar aan het begin.

In Almere is Luna een Poes. Dronten koos voor een vos, omdat vossen veel in de buurt van Dronten voorkomen.

Vos Luna in FlevoMeer Bibliotheek.

Natuurlijk kan iedere medewerker in de front office onwennige gezinnen bij hun eerste bezoek uitleggen waar wat staat en hoe alles werkt. Vertrouw het ze gerust toe dat zo enthousiast en warm te doen dat ouders en kinderen zich welkom voelen. Maar in Flevoland kan het ook anders. Sinds kort hebben FlevoMeer Bibliotheek en De Nieuwe Bibliotheek een Tellmie – om precies te zijn de vestigingen in Dronten, Urk, Lelystad, Zeewolde, Noordoostpolder (FlevoMeer) en Almere (DNB).

Of, nou ja, een Tellmie? Bij FlevoMeer spreken ze van Luna. Lisette van Kasteren, adviseur digitale geletterdheid en leesconsulent VO van FlevoMeer, laat haar zien in de bibliotheek van Dronten, waar ze zelf ook woont. Ogenschijnlijk is het een knuffel van een vos, die wordt bewaard in een mand achter de welkomstbalie. Maar in haar binnenste zit een boel technologie, waardoor Luna jonge kinderen van 6 tot 9 jaar wegwijs kan maken op de jeugdafdeling.

'Je start Luna door haar te schudden', legt ze uit. 'En je kunt steeds een stap verder gaan door over haar bol te aaien. Dat vindt ze lekker, zegt ze steeds. Ze geeft ook aan wanneer je dat moet doen. Luna vertelt kinderen dat ze met haar zeven welpjes in de bibliotheek is komen wonen omdat ze het daar zo leuk vinden, maar dat haar welpjes zich hebben verstopt – waarschijnlijk bij de kinderboeken. Kunnen de kinderen hen voor haar zoeken?'

Vrachtwagen
Op de afdeling staan, nog best goed verstopt, zeven kleine kastjes met daarin de zeven welpjes, die allemaal zijn gekleed in hun eigen kleur – zodat kinderen makkelijker in de gaten kunnen houden of ze een welpje al hebben gehad. Door Luna dichtbij genoeg te houden en te aaien, begint ze te praten over het welpje en de afdeling. Bij de informatieve boeken, de strips, de makkelijke boeken, de speelvloer enzovoorts. Bij ieder welpje krijgen de kinderen een kleine opdracht.

Neem Mo, in de kast Leren Lezen. Mo heeft net een nieuw woord leren lezen, vertelt Luna, schijnbaar in dialoog met Mo: vrachtwagen. 'Dat is een lang en moeilijk woord, zeg!' Als het kind ook weleens een vrachtwagen heeft gezien, mag die Luna aaien. Daarna krijgt het kind de opdracht een nieuw boek te zoeken, 'een boek met de letter E op de zijkant'. Is dat gelukt, dan mag je het laten zien. En zo weet je waar de boeken met AVI-niveau M3 staan.

Kai & FlikVlooi
De Tellmie is ontwikkeld door het Delftse bedrijf Go Wonder, dat zich specialiseert in 'magische tactiel-technische oplossingen voor educatieve of playful toepassingen' (zie kader). In eerste instantie werden ze ingezet als aaibare audiogids in musea. Zo kun je in het Maritiem Museum in Rotterdam met de krab Kai door de expositie Plons, heeft het Onderwijsmuseum in Dordrecht de FlikVlooi, en zet het Rijksmuseum kinderen op 'muizenjacht' met Pim en Pom.

In de bibliotheeksector hebben de Flevolandse bibliotheken de primeur. Go Wonder werkte daarvoor samen met het Innovatieteam Flevoland, dat met financiële steun van de provincie (139.000 euro per jaar) projecten ondersteunt om de maatschappelijke relevantie van de bibliotheek te versterken. Projecten op thema's als de aanpak van laaggeletterdheid, participatie in de informatiesamenleving of een leven lang ontwikkelen. Elk jaar ligt de focus op een ander thema.

Oranje
FlevoMeer en De Nieuwe Bibliotheek hebben allebei een eigen dier: respectievelijk een poes en een vos. Maar vergis je niet in dat uiterlijk: ze volgen precies hetzelfde script. Niet voor niets heten ze allebei Luna. 'Wij zouden eigenlijk ook een poes nemen,', zegt Van Kasteren, 'maar we zijn eigenwijs: een vos past beter bij de polders en de natuur in dit deel van Flevoland. De oranje kleur van de vos past ook goed bij de hele uitstraling van FlevoMeer.'

Deze uniformiteit van het script heeft uiteraard gevolgen voor de gebruikte teksten. De makkelijk lezen-afdeling of de beweegvloer heeft niet bij beide bibliotheken dezelfde naam. Ook kun je kinderen geen hints geven om Luna's kinderen te vinden in de trant van 'zoek achterin'. Alles staat in de zes betrokken vestigingen op andere plekken. Maar dat zijn details. Alle gesprekken tussen Luna en haar welpjes (voor zover beluisterd) voelen natuurlijk en persoonlijk.

Ontdek de jeugdafdeling met vos Luna

Is een aaibare audiogids in meerdere talen de toekomst? De Flevolandse bibliotheken hebben dit jaar de primeur. 'De aantrekkingskracht van de knuffel en het spelelement is groot.'

Bibliotheekblad 5 • mei 2025

Met een vos in vijf talen door de bieb

TEKST: Maarten Dessing • Video en foto’s: de Bibliotheek Flevomeer

Digitale geletterheid / Interactiviteit / leesbevordering

Naast de in dit artikel genoemde initiatieven, verzorgt GO opleidingen ook al enige tijd opleidingsactiviteiten gericht op de frontoffice. Naast de Basisopleiding Bibliotheken (13-daagse opleiding), die zich juist richt op de klantgerichte informatievaardigheden en communicatie op de werkvloer, zijn de laatste jaren ook titels zoals 'Omgaan met grensoverschrijdend gedrag', 'Digitale informatievaardigheden', 'Coach Digitaal Burgerschap' en 'Customer Journey' toegevoegd aan het aanbod. GO opleidingen richt zich op medewerkers, die al in de bibliotheek werkzaam zijn en hun kennis en vaardigheden op het juiste niveau willen brengen. Het gehele aanbod is te vinden op: www.goopleidingen.nl