Kloosterhotel ZIN in Vught biedt zeven dagen per week conferentie- en bezinningsruimte op een inspirerende en rustgevende locatie.
‘Ik ben onder een heel slecht gesternte adjunct-directeur geworden’, zegt Gerie ten Cate over zijn aantreden in 1999 bij Biblioservice Gelderland. ‘Toen de zittende directeur na een halfjaar vertrok, nam ik zijn positie tijdelijk over. De reden van zijn vertrek en de wijze waarop hij daarop reageerde hebben mij in een heel lastige positie gebracht bij de lokale besturen.’
Hoe kwam Ten Cate in de bibliotheekwereld terecht? ‘Na zeven jaar gewerkt te hebben bij de Hogeschool Utrecht zag ik die vacature bij Biblioservice Gelderland. Ik heb daarop gereageerd en ik werd aangenomen, met als voornaamste opdracht om de organisatie – netjes gezegd – vraag- en klantgerichter te maken. Als ik me minder diplomatiek uitdruk, zeg ik: het was een feodale club, die als het ware tegen de aangesloten bibliotheken zei: jullie hebben maar af te nemen wat wij bieden. Aan mij als marketeer de taak om de knuppel in het hoenderhok te gooien. Om die transitie in gang te zetten, hadden we een extern bureau ingeschakeld, maar dat gaf de opdracht terug, want – zo zei het bureau – die directeur van jullie wil helemaal niet veranderen. Daar kwam bij dat hij een samenwerking wilde sluiten met de stedelijke bibliotheken in Gelderland, maar dat was voor Biblioservice geen goede deal. Het afzeggen van die samenwerkingsovereenkomst heb ik moeten doen, en dat was geen fijne boodschap voor de stedelijke bibliotheken. Terugkijkend kan ik wel stellen dat ik binnen een jaar zodoende in een behoorlijk onmogelijke positie was beland.’
Er kwam tijdelijk een interim-directeur, die opgevolgd werd door Annemarie Kuipers, met wie een collegiale directie gevormd werd. Ten Cate zou het al met al drie jaar en tien maanden volhouden bij de provinciale bibliotheekcentrale (PBC) in Gelderland waar hij onder meer verantwoordelijk was voor strategie, financiën, ICT, facilitair en bibliotheekwerk.
Plezier
‘Het was niet alleen maar kommer en kwel. Veel mensen binnen de organisatie zagen ook wel in dat verandering noodzakelijk was, en degenen die de kont tegen de krib gooiden hebben we via een keurig traject naar een functie elders begeleid. Waar ik vooral met plezier aan terugdenk zijn de studiereizen onder leiding van Rob Bruijnzeels en het contact met andere PBC’s. Ook heb ik een goed gevoel overgehouden aan het managementteam, het secretariaat en de medewerkers in Arnhem. Een ander groot issue was de ontwikkeling en lancering van het eigen bibliotheeksysteem Bibliobyte. Een heel goed en modern systeem, maar ik kreeg geen samenwerking met andere bibliotheekcentrales voor elkaar. Jammer, want samen had dit een heel succesvol en betaalbaar systeem kunnen zijn. Men ging liever met dure externe partijen in zee dan met ons. Misschien het not-invented-by-us-syndroom?
Ik heb zelf ook heus wel fouten gemaakt,’ steekt Ten Cate de hand in eigen boezem, ‘ik was bijvoorbeeld nogal eens te driest als jonge, ambitieuze manager. Ik had er verstandiger aan gedaan om wat meer in de luwte te gaan zitten. Na bijna vier jaar besloot ik om mijn heil ergens anders te gaan zoeken. Toch heb ik met een goed gevoel afscheid genomen bij Biblioservice Gelderland. Ik had wel de indruk dat er iets bereikt was. Ik koester nog steeds veel sympathie voor de sector. Bibliotheken zetten zich in voor een vrije en toegankelijke informatievoorziening aan de samenleving, en dat is toch een schitterende ambitie?’
Na zijn afscheid van Biblioservice kocht Ten Cate een hotel in Lochem in de Achterhoek. Er leek geen wolkje aan de lucht, totdat de financiële crisis toesloeg. In 2010 ging hij failliet. ‘Op dat moment was ik echt terug bij af. Aansluitend was ik acht jaar docent aan de Hogere Hotelschool in Maastricht, maar als je drie of vier dagen in de week vanuit je woonplaats Nijmegen naar het diepe zuiden moet rijden en weer terug, ben je dat op den duur spuugzat. Op sommige dagen zat ik maar liefst zes uur in de auto vanwege alle files op de A73.’
Compassie
‘Daarom was ik blij dat ik in 2019 deeltijd-docent voor drie dagen kon worden aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Bijna tegelijkertijd werd ik door een wervingsbureau benaderd dat – ook voor drie dagen in de week – een directeur zocht voor Kloosterhotel ZIN. Ook die kans heb ik dankbaar aangegrepen. Mezelf inzetten voor de maatschappij, dat loopt als een rode draad door mijn carrière, en in mijn huidige functies kan ik me daarin lekker uitleven. Ik ben geen harde ondernemer, maar ik ben wel ondernemer. Die twee dingen – maatschappelijk betrokken zijn en een zaak runnen – komen perfect samen in deze twee functies. Het klinkt misschien bombastisch, maar ik wil mijn steentje bijdragen om te komen tot een betere wereld. Wat we in dit voormalige klooster in Vught nastreven, is de mens weer centraler stellen in de werkomgeving. Neem nou de zorg. Daar verzuipt men in de administratie, maar waarom ging iemand ook alweer de zorg in? Zijn of haar motivatie was niet om zo veel mogelijk formulieren in te vullen, maar de wens om mensen te helpen. In onze ZINacademie bieden we trainingen op dat vlak aan, Compassie in de Zorg. Daarbij houden we de kosten zo laag mogelijk, zodat ook de mensen op de werkvloer een training of programma kunnen volgen. In de geest van de fraters die dit complex ooit hebben opgezet, kun je onze aanpak samenvatten in de termen compassie, gastvrijheid en gemeenschapszin.
Bij de HAN begeleid ik studenten die ondernemer willen worden. Jongeren coachen vind ik mooi. Bovendien houdt het me fris in mijn eigen denken. Het dwingt me om bij te blijven op het gebied van literatuur, maatschappelijke ontwikkelingen et cetera. Inmiddels ben ik 63, dus dan beschik je over een schat aan ervaring die je met de studenten kunt delen. Ook de minder fraaie dingen, zoals mijn faillissement, komen aan bod. In Maastricht gaf ik een college onder de titel “De opkomst en ondergang van Gerie ten Cate als hotelier”. In geuren en kleuren heb ik mijn studenten verteld over de heftigheid van die tijd. Een donkere bladzij uit mijn leven. Vlak voor kerst verloor ik mijn baan. Hetzelfde overkwam mijn vrouw, en als klap op de vuurpijl werd de huur van ons huis opgezegd. Zoiets vormt je. Gelukkig hebben mijn vrouw en ik het nu goed. Ook onze beide kinderen zijn goed terechtgekomen.
Winstmaximalisatie, privatisering, economische groei, omdat dit soort zaken in het bedrijfsleven domineert wil de mens in de organisatie nogal eens ondersneeuwen. Om daar tegenwicht aan te bieden, voorzien we met Kloosterhotel ZIN in een maatschappelijke behoefte. Daar ben ik van overtuigd. De behoefte aan compassie, aan barmhartigheid, aan meer medemenselijkheid is alom aanwezig. Er is behoefte om keuzes te maken op basis van vertrouwen in plaats van wantrouwen. Je ziet mensen vastlopen in de zorg, in het onderwijs enzovoort. Mensen worden aan alle kanten gemangeld, dat merken wij hier dag in dag uit.’
Gereserveerd
‘In al onze vergaderzalen staat één rode stoel. Dat idee kreeg ik aangereikt door Jan Terlouw, die op televisie zei dat er in de studio één stoel zou moeten worden vrijgehouden voor de toekomstige generaties. Zijn pleidooi kwam hierop neer: laten we bij alles wat we doen nadenken wat ons handelen betekent voor de nog niet geboren generaties. De volgende dag heb ik meteen zes rode stoelen gekocht en in onze vergaderzalen gezet. Op die stoelen staat een bordje: gereserveerd. Daarmee probeer ik mensen aan het denken te zetten. Als je nu bijvoorbeeld besluit om niets te doen aan de CO2-uitstoot of de stikstofemissie, dan schuif je het probleem door naar je kinderen en kleinkinderen. Of er in mij een groot idealist schuilt? Enorm! Zoals gezegd, ik wil de wereld verbeteren, maar ik heb niet zoveel invloed, en toch doe ik wat ik kan. Alle beetjes helpen tenslotte. De geest van de fraters is in mij gevaren, zeg je? Qua gedachtegoed zeker, al ben ik katholiek opgevoed en doe ik daar niets meer mee.’
Is directeur van Kloosterhotel ZIN de mooiste baan die Ten Cate gehad heeft?
‘Ja, zonder meer.’ Maar stel dat hij wordt benaderd om leiding te gaan geven aan een bibliotheek, zou hij daarvoor openstaan? ‘Nee, want ik ben hier nog niet klaar, hoezeer ik de bibliotheken ook nog altijd een warm hart toedraag. Om die reden zou ik best plaats willen nemen in een bibliotheekbestuur of in de Raad van Toezicht van een cultuur- of zorginstelling, maar dit kloosterhotel in Vught moet dé locatie worden op het gebied van zingeving en werk. Iedereen kent de nonnen van Vught. Als je snel een taal wilt leren, moet je bij hen zijn. Wij willen dat iedereen meteen denkt aan “ZIN” in Vught als het gaat om zingeving en werk. Het spiritueel erfgoed en de inhoudelijke boodschap verder brengen en voor de toekomst borgen is waar ik mij de komende jaren op ga richten. Als dat lukt, dan heb ik een bijdrage geleverd aan de maatschappij waar ik met een goed gevoel op kan terugkijken.’
Gerie ten Cate: ‘Waar ik vooral met plezier aan terugdenk zijn de studiereizen onder leiding van Rob Bruijnzeels en het contact met andere provinciale bibliotheekcentrales’.
Van directeur bedrijfsvoering naar directeur Kloosterhotel ZIN
Als directeur-bestuurder bedrijfsvoering van Biblioservice Gelderland maakte Gerie ten Cate roerige tijden mee. Ook als eigenaar en uitbater van een hotel liep het lang niet altijd op rolletjes, maar zijn huidige functie als directeur van een kloosterhotel en -conferentiecentrum schenkt hem voornamelijk voldoening. ‘De geest van de fraters is in mij gevaren, zeg je? Dat klopt.’
‘De mens weer centraler stellen in de werkomgeving’
DE CARRIÈRESWITCH
TEKST en foto: EIMER WIELDRAAIJER • video: Kloosterhotel Zin
Bibliotheekblad 5 • mei 2024
Gerie ten Cate: ‘Waar ik vooral met plezier aan terugdenk zijn de studiereizen onder leiding van Rob Bruijnzeels en het contact met andere provinciale bibliotheekcentrales’.
Van directeur bedrijfsvoering naar directeur Kloosterhotel ZIN
Bibliotheekblad 5 • mei 2024
Kloosterhotel ZIN in Vught biedt zeven dagen per week conferentie- en bezinningsruimte op een inspirerende en rustgevende locatie.
‘Ik ben onder een heel slecht gesternte adjunct-directeur geworden’, zegt Gerie ten Cate over zijn aantreden in 1999 bij Biblioservice Gelderland. ‘Toen de zittende directeur na een halfjaar vertrok, nam ik zijn positie tijdelijk over. De reden van zijn vertrek en de wijze waarop hij daarop reageerde hebben mij in een heel lastige positie gebracht bij de lokale besturen.’
Hoe kwam Ten Cate in de bibliotheekwereld terecht? ‘Na zeven jaar gewerkt te hebben bij de Hogeschool Utrecht zag ik die vacature bij Biblioservice Gelderland. Ik heb daarop gereageerd en ik werd aangenomen, met als voornaamste opdracht om de organisatie – netjes gezegd – vraag- en klantgerichter te maken. Als ik me minder diplomatiek uitdruk, zeg ik: het was een feodale club, die als het ware tegen de aangesloten bibliotheken zei: jullie hebben maar af te nemen wat wij bieden. Aan mij als marketeer de taak om de knuppel in het hoenderhok te gooien. Om die transitie in gang te zetten, hadden we een extern bureau ingeschakeld, maar dat gaf de opdracht terug, want – zo zei het bureau – die directeur van jullie wil helemaal niet veranderen. Daar kwam bij dat hij een samenwerking wilde sluiten met de stedelijke bibliotheken in Gelderland, maar dat was voor Biblioservice geen goede deal. Het afzeggen van die samenwerkingsovereenkomst heb ik moeten doen, en dat was geen fijne boodschap voor de stedelijke bibliotheken. Terugkijkend kan ik wel stellen dat ik binnen een jaar zodoende in een behoorlijk onmogelijke positie was beland.’
Er kwam tijdelijk een interim-directeur, die opgevolgd werd door Annemarie Kuipers, met wie een collegiale directie gevormd werd. Ten Cate zou het al met al drie jaar en tien maanden volhouden bij de provinciale bibliotheekcentrale (PBC) in Gelderland waar hij onder meer verantwoordelijk was voor strategie, financiën, ICT, facilitair en bibliotheekwerk.
Plezier
‘Het was niet alleen maar kommer en kwel. Veel mensen binnen de organisatie zagen ook wel in dat verandering noodzakelijk was, en degenen die de kont tegen de krib gooiden hebben we via een keurig traject naar een functie elders begeleid. Waar ik vooral met plezier aan terugdenk zijn de studiereizen onder leiding van Rob Bruijnzeels en het contact met andere PBC’s. Ook heb ik een goed gevoel overgehouden aan het managementteam, het secretariaat en de medewerkers in Arnhem. Een ander groot issue was de ontwikkeling en lancering van het eigen bibliotheeksysteem Bibliobyte. Een heel goed en modern systeem, maar ik kreeg geen samenwerking met andere bibliotheekcentrales voor elkaar. Jammer, want samen had dit een heel succesvol en betaalbaar systeem kunnen zijn. Men ging liever met dure externe partijen in zee dan met ons. Misschien het not-invented-by-us-syndroom?
Ik heb zelf ook heus wel fouten gemaakt,’ steekt Ten Cate de hand in eigen boezem, ‘ik was bijvoorbeeld nogal eens te driest als jonge, ambitieuze manager. Ik had er verstandiger aan gedaan om wat meer in de luwte te gaan zitten. Na bijna vier jaar besloot ik om mijn heil ergens anders te gaan zoeken. Toch heb ik met een goed gevoel afscheid genomen bij Biblioservice Gelderland. Ik had wel de indruk dat er iets bereikt was. Ik koester nog steeds veel sympathie voor de sector. Bibliotheken zetten zich in voor een vrije en toegankelijke informatievoorziening aan de samenleving, en dat is toch een schitterende ambitie?’
Na zijn afscheid van Biblioservice kocht Ten Cate een hotel in Lochem in de Achterhoek. Er leek geen wolkje aan de lucht, totdat de financiële crisis toesloeg. In 2010 ging hij failliet. ‘Op dat moment was ik echt terug bij af. Aansluitend was ik acht jaar docent aan de Hogere Hotelschool in Maastricht, maar als je drie of vier dagen in de week vanuit je woonplaats Nijmegen naar het diepe zuiden moet rijden en weer terug, ben je dat op den duur spuugzat. Op sommige dagen zat ik maar liefst zes uur in de auto vanwege alle files op de A73.’
Compassie
‘Daarom was ik blij dat ik in 2019 deeltijd-docent voor drie dagen kon worden aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Bijna tegelijkertijd werd ik door een wervingsbureau benaderd dat – ook voor drie dagen in de week – een directeur zocht voor Kloosterhotel ZIN. Ook die kans heb ik dankbaar aangegrepen. Mezelf inzetten voor de maatschappij, dat loopt als een rode draad door mijn carrière, en in mijn huidige functies kan ik me daarin lekker uitleven. Ik ben geen harde ondernemer, maar ik ben wel ondernemer. Die twee dingen – maatschappelijk betrokken zijn en een zaak runnen – komen perfect samen in deze twee functies. Het klinkt misschien bombastisch, maar ik wil mijn steentje bijdragen om te komen tot een betere wereld. Wat we in dit voormalige klooster in Vught nastreven, is de mens weer centraler stellen in de werkomgeving. Neem nou de zorg. Daar verzuipt men in de administratie, maar waarom ging iemand ook alweer de zorg in? Zijn of haar motivatie was niet om zo veel mogelijk formulieren in te vullen, maar de wens om mensen te helpen. In onze ZINacademie bieden we trainingen op dat vlak aan, Compassie in de Zorg. Daarbij houden we de kosten zo laag mogelijk, zodat ook de mensen op de werkvloer een training of programma kunnen volgen. In de geest van de fraters die dit complex ooit hebben opgezet, kun je onze aanpak samenvatten in de termen compassie, gastvrijheid en gemeenschapszin.
Bij de HAN begeleid ik studenten die ondernemer willen worden. Jongeren coachen vind ik mooi. Bovendien houdt het me fris in mijn eigen denken. Het dwingt me om bij te blijven op het gebied van literatuur, maatschappelijke ontwikkelingen et cetera. Inmiddels ben ik 63, dus dan beschik je over een schat aan ervaring die je met de studenten kunt delen. Ook de minder fraaie dingen, zoals mijn faillissement, komen aan bod. In Maastricht gaf ik een college onder de titel “De opkomst en ondergang van Gerie ten Cate als hotelier”. In geuren en kleuren heb ik mijn studenten verteld over de heftigheid van die tijd. Een donkere bladzij uit mijn leven. Vlak voor kerst verloor ik mijn baan. Hetzelfde overkwam mijn vrouw, en als klap op de vuurpijl werd de huur van ons huis opgezegd. Zoiets vormt je. Gelukkig hebben mijn vrouw en ik het nu goed. Ook onze beide kinderen zijn goed terechtgekomen.
Winstmaximalisatie, privatisering, economische groei, omdat dit soort zaken in het bedrijfsleven domineert wil de mens in de organisatie nogal eens ondersneeuwen. Om daar tegenwicht aan te bieden, voorzien we met Kloosterhotel ZIN in een maatschappelijke behoefte. Daar ben ik van overtuigd. De behoefte aan compassie, aan barmhartigheid, aan meer medemenselijkheid is alom aanwezig. Er is behoefte om keuzes te maken op basis van vertrouwen in plaats van wantrouwen. Je ziet mensen vastlopen in de zorg, in het onderwijs enzovoort. Mensen worden aan alle kanten gemangeld, dat merken wij hier dag in dag uit.’
Gereserveerd
‘In al onze vergaderzalen staat één rode stoel. Dat idee kreeg ik aangereikt door Jan Terlouw, die op televisie zei dat er in de studio één stoel zou moeten worden vrijgehouden voor de toekomstige generaties. Zijn pleidooi kwam hierop neer: laten we bij alles wat we doen nadenken wat ons handelen betekent voor de nog niet geboren generaties. De volgende dag heb ik meteen zes rode stoelen gekocht en in onze vergaderzalen gezet. Op die stoelen staat een bordje: gereserveerd. Daarmee probeer ik mensen aan het denken te zetten. Als je nu bijvoorbeeld besluit om niets te doen aan de CO2-uitstoot of de stikstofemissie, dan schuif je het probleem door naar je kinderen en kleinkinderen. Of er in mij een groot idealist schuilt? Enorm! Zoals gezegd, ik wil de wereld verbeteren, maar ik heb niet zoveel invloed, en toch doe ik wat ik kan. Alle beetjes helpen tenslotte. De geest van de fraters is in mij gevaren, zeg je? Qua gedachtegoed zeker, al ben ik katholiek opgevoed en doe ik daar niets meer mee.’
Is directeur van Kloosterhotel ZIN de mooiste baan die Ten Cate gehad heeft?
‘Ja, zonder meer.’ Maar stel dat hij wordt benaderd om leiding te gaan geven aan een bibliotheek, zou hij daarvoor openstaan? ‘Nee, want ik ben hier nog niet klaar, hoezeer ik de bibliotheken ook nog altijd een warm hart toedraag. Om die reden zou ik best plaats willen nemen in een bibliotheekbestuur of in de Raad van Toezicht van een cultuur- of zorginstelling, maar dit kloosterhotel in Vught moet dé locatie worden op het gebied van zingeving en werk. Iedereen kent de nonnen van Vught. Als je snel een taal wilt leren, moet je bij hen zijn. Wij willen dat iedereen meteen denkt aan “ZIN” in Vught als het gaat om zingeving en werk. Het spiritueel erfgoed en de inhoudelijke boodschap verder brengen en voor de toekomst borgen is waar ik mij de komende jaren op ga richten. Als dat lukt, dan heb ik een bijdrage geleverd aan de maatschappij waar ik met een goed gevoel op kan terugkijken.’
Als directeur-bestuurder bedrijfsvoering van Biblioservice Gelderland maakte Gerie ten Cate roerige tijden mee. Ook als eigenaar en uitbater van een hotel liep het lang niet altijd op rolletjes, maar zijn huidige functie als directeur van een kloosterhotel en -conferentiecentrum schenkt hem voornamelijk voldoening. ‘De geest van de fraters is in mij gevaren, zeg je? Dat klopt.’
‘De mens weer centraler stellen in de werkomgeving’
TEKST en foto: EIMER WIELDRAAIJER • video: Kloosterhotel Zin
DE CARRIÈRESWITCH