COLLEGA
TEKST: LINDA VAN PELT • FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp
Xenia de Graaf, hoofd educatie jeugd Bibliotheek Hoeksche Waard
‘Voorlezen hoort wat mij betreft bij een gezonde opvoeding’
Ze voelde zich aanvankelijk een beetje beduusd, toen ze gevraagd werd om iets te vertellen over haar beroep voor Bibliotheekblad, maar ze vond het ook een grote eer. Dit hoofd educatie van de jeugd in de Hoeksche Waard heeft een serieuze boodschap, want ze maakt zich zorgen over de toekomst. Die van het lezen vooral.
Aan de basis
Een basisarts kan na zijn masterdiploma in de geneeskunde direct aan de slag in de patiëntenzorg, maar is nog niet gespecialiseerd in een bepaalde richting. Xenia de Graaf is in haar beroep al wel een bepaalde richting ingeslagen, namelijk die van de jeugdeducatie. Haar keuze ligt ook aan de basis, namelijk die van het leesplezier, en is volgens haar óók gericht op gezondheid!
‘Ik lees nooit voor, want mijn kind vindt boeken lezen niet leuk, hoor ik regelmatig beweren. Maar lezen en voorgelezen worden is vaak ook een kwestie van gewenning,’ nuanceert Xenia. ‘Tanden poetsen vinden we vaak ook niet zo leuk, maar we doen het toch… hopelijk.’
Ze snapt dat veel ouders het tegenwoordig erg druk hebben – werk, telefoon, sport – zodat het voorlezen er vaak bij inschiet. ‘Het is wel zorgwekkend dat kinderen hierdoor al vanaf kleins af aan minder met taal in aanraking komen. Samen regelmatig een boekje lezen is een goede basis voor het later zélf lezen en hoort vanuit mijn perspectief bij een gezonde opvoeding van je kinderen. In die context vind ik het een goede ontwikkeling dat er kritischer gekeken wordt naar het gebruik van de mobiele telefoon door de jeugd, want lezen is veel beter voor je taalontwikkeling,’ spreekt de bibliothecaris in haar. Ze woonde een aantal jaren in Canada en het viel haar op dat daar nog heel veel wordt voorgelezen en liedjes gezongen. ‘In die cultuur is lezen niet stom en voorlezen is er heel gewoon. Ik hoop dat dit in Nederland ook weer normaler wordt.’
Gehannes met kaartjes
Lezen is een vast onderdeel van Xenia’s bestaan, en dat begon al in de tijd toen ze, tijdens haar jeugd in het Noord-Brabantse Nuenen, op de fiets naar de bibliotheek ging, op zoek naar nieuwe inspiratie in verhalen en boeken. Toch was het niet zo dat ze direct enthousiast reageerde op het voorstel van haar moeder om zelf bibliothecaris te worden. ‘Journalist, dát was mijn toekomstdroom.’ Maar, uitgeloot voor een studie aan de Academie voor de Journalistiek, bezocht ze toch de open dag van de Bibliotheek- en Documentatie Academie Tilburg. ‘Eigenlijk voelde ik me er meteen thuis. Als toen nog verlegen meisje was ik daar misschien zelfs wel beter op mijn plek dan als journalist die overal brutaal op af moet stappen.’
Haar eerste werkervaringen waren nogal versnipperd. In Bibliotheek Tilburg werkte Xenia aan de achtergrondcollectie, in Eindhoven ging ze aan de slag met de automatisering en in de kleine dorpsbibliotheek in Waalre had ze op zaterdag een relatief rustige dag in de uitleen.
Toen kwam er dat contract voor 32 uur bij de Technische Universiteit in Eindhoven waar ze, naar eigen zeggen, verliefd werd op de computer. ‘Dat gehannes met kaartjes werd gelukkig verleden tijd. De catalogus met verdiepende achtergrondinformatie zoals in de universiteitsbibliotheken was een voorbeeld. Wat een verademing! Op basis daarvan meedenken met het systeem voor onze bibliotheek was een mooie uitdaging en fouten in de software opsporen nog meer. Ik voelde me een echte pionier.’ Om het ICT-werk nog meer in de vingers te krijgen, behaalde Xenia zelfs certificaten van de AMBI (Automatisering en Mechanisering van de Bestuurlijke Informatievoorziening).
Warme hoekjes in de koude winter
Daarna volgde een letterlijke grensverlegging. In de beginjaren van de éénentwintigste eeuw vertrok Xenia, met man en gezin, naar Princeton in de Verenigde Staten. In die tijd werkte ze niet, maar ze kwam wel regelmatig in de bibliotheek en het verschil met de toenmalige Nederlandse situatie viel haar direct op. ‘In Amerika hadden bibliotheken al een plezierige inrichting, met comfortabele stoelen en plekken om te relaxen en koffie te drinken.’
Na de volgende verhuizing - naar Edmonton in Alberta, Canada - ging Xenia eerst als vrijwilliger aan de slag in de schoolbibliotheek. ‘Zulke bibliotheken waren daar destijds al heel gebruikelijk.’ Korte tijd later werd ze bibliotheekmedewerker in de grote stadsbibliotheek die twee keer in de prijzen viel vanwege de wijze waarop deze volgens “Community-Led Service Philosophy” uiting gaf aan haar brede maatschappelijke taak.
Wat die taak inhield, illustreert Xenia met een voorbeeld uit de praktijk. ‘De Noord-Canadese winters zijn zo lang en koud dat je als dakloze echt niet buiten kunt overleven. Vanuit de nachtopvang stonden ze in de vroege ochtend al in de gang van de bibliotheek, geruisloos te wachten totdat de deuren open gingen. Daarna zag je hen niet meer terug, teruggetrokken in kleine hoekjes, warm en veilig, om de dag door te komen.’ Ze weet nog hoe er uiteindelijk ruimte werd gecreëerd voor de komst van sociaal werkers naar de bibliotheek. ‘Die spraken met mensen en hielpen hen aan huisvesting, gezondheidszorg en nog meer.’
Twee cultuurschokken
Ook praktische ideeën voor de jeugdeducatie nam Xenia vanuit Canada mee terug naar “huis”, want sinds 2018 is ze – na nog een periode in Aberdeen, Schotland – terug in haar geboorteland.
‘In Schotland bleken ze in 2014 de brede maatschappelijke functie van de bibliotheek nog niet te hebben uitgevonden,’ concludeerde Xenia. Specifiek in haar rol als teamleider van de jeugdafdeling stuitte ze vaak op een stroom aan bezwaren, zodra ze een nieuwe activiteit wilde starten. ‘Veranderen vinden mensen vaak niet fijn,’ stelt ze met begrip. Maar aan de grote Schotse hiërarchie kon ze moeilijk wennen. ‘Als mijn collega’s en ik bijvoorbeeld met een slimme crowdfundactie iets voor elkaar hadden gekregen, was het de councilor (gemeenteraadslid – red.) die daarmee op de foto mooie sier ging maken, terwijl wij vanuit de balie mochten toekijken.’
De terugkeer naar Nederland verliep echter minder smooth dan verwacht. ‘Ik was veranderd, of ik was mijn geboorteland in de loop der jaren gaan idealiseren,’ blikt ze terug. ‘Mannen konden ineens niet meer hand in hand lopen in Amsterdam. Toen mijn vader ernstig ziek werd, bleek de gezondheidszorg lang niet zo goed geregeld als ik had gedacht. En ik kon maar moeilijk een huis vinden.’
Boekendans
Nu, zeven jaar later, is Xenia emotioneel geland en blij met haar functie als hoofd educatie jeugd.
‘Een mooie rol waarbij ik positieve ervaringen uit het buitenland probeer toe te passen. Inzetten op early literacy zoals sing sign laugh and learn, een sociale activiteit voor peuters om de communicatie en sociale verbinding te verbeteren door gebruik van gebarentaal. Voor de allerjongsten is er baby laptime, waarbij een groepje moeders (en soms vaders) met hun baby’s op schoot samen liedjes zingen, kartonnen boekjes lezen en samen finger rhymes doen. De Angelsaksische landen besteden aan zulke dingen veel meer aandacht dan wij hier gewend zijn.’
Met deze ideeën in het achterhoofd worden er regelmatig BoekStart workshops en peuterparades georganiseerd in de Hoeksche Waard. Ook voor de wat oudere jeugd is er aandacht. Want dat is volgens Xenia ook het toverwoord om interesse voor leesplezier te kweken: aandacht!
‘Zo organiseren wij bij Bibliotheek Hoeksche Waard speciale educatieve bijeenkomsten voor docenten in het primair onderwijs, waarbij we soms leesbevorderaars/schrijvers uitnodigen, zoals Manon Sikkel, Hans Hagen en Sanne Rooseboom. Bij 25 van de 43 basisscholen en bij drie van de vier scholen voor voortgezet onderwijs in de Hoeksche Waard is er de Bibliotheek op school. Onze leesconsulenten komen regelmatig langs om activiteiten te introduceren of begeleiden. Bijvoorbeeld een boekendans: als de muziek stopt, gaan de kinderen zitten op een stoel en lezen ze een paar minuten in het boek dat daarop ligt. Na diverse rondjes hebben ze met veel boeken kennis gemaakt en kunnen ze gerichter een boek kiezen,’ noemt ze als voorbeeld. ‘Leescultuur hoort bij het gezond opvoeden en daar dragen wij vanuit de bibliotheek graag aan bij.
Ook samen praten over boeken stimuleert het lezen. Denk aan het ganzenbord boekenspel, waarbij deelnemers vragen over boeken moeten beantwoorden. Of de boekenkring, waarin leerkracht en leerlingen samen praten over boeken van verschillende genres. Vroeger kwamen mijn kinderen uit de Canadese school altijd thuis met opdrachten om te reflecteren. In Nederland gebeurt dat helaas nog te weinig. Terwijl dóórvragen zo belangrijk is.’
Geen gekke visie voor iemand die ook wel journalist had willen worden.
Bibliotheekblad 7 • september 2025
Bibliotheekblad 7 • september 2025
Aan de basis
Een basisarts kan na zijn masterdiploma in de geneeskunde direct aan de slag in de patiëntenzorg, maar is nog niet gespecialiseerd in een bepaalde richting. Xenia de Graaf is in haar beroep al wel een bepaalde richting ingeslagen, namelijk die van de jeugdeducatie. Haar keuze ligt ook aan de basis, namelijk die van het leesplezier, en is volgens haar óók gericht op gezondheid!
‘Ik lees nooit voor, want mijn kind vindt boeken lezen niet leuk, hoor ik regelmatig beweren. Maar lezen en voorgelezen worden is vaak ook een kwestie van gewenning,’ nuanceert Xenia. ‘Tanden poetsen vinden we vaak ook niet zo leuk, maar we doen het toch… hopelijk.’
Ze snapt dat veel ouders het tegenwoordig erg druk hebben – werk, telefoon, sport – zodat het voorlezen er vaak bij inschiet. ‘Het is wel zorgwekkend dat kinderen hierdoor al vanaf kleins af aan minder met taal in aanraking komen. Samen regelmatig een boekje lezen is een goede basis voor het later zélf lezen en hoort vanuit mijn perspectief bij een gezonde opvoeding van je kinderen. In die context vind ik het een goede ontwikkeling dat er kritischer gekeken wordt naar het gebruik van de mobiele telefoon door de jeugd, want lezen is veel beter voor je taalontwikkeling,’ spreekt de bibliothecaris in haar. Ze woonde een aantal jaren in Canada en het viel haar op dat daar nog heel veel wordt voorgelezen en liedjes gezongen. ‘In die cultuur is lezen niet stom en voorlezen is er heel gewoon. Ik hoop dat dit in Nederland ook weer normaler wordt.’
Gehannes met kaartjes
Lezen is een vast onderdeel van Xenia’s bestaan, en dat begon al in de tijd toen ze, tijdens haar jeugd in het Noord-Brabantse Nuenen, op de fiets naar de bibliotheek ging, op zoek naar nieuwe inspiratie in verhalen en boeken. Toch was het niet zo dat ze direct enthousiast reageerde op het voorstel van haar moeder om zelf bibliothecaris te worden. ‘Journalist, dát was mijn toekomstdroom.’ Maar, uitgeloot voor een studie aan de Academie voor de Journalistiek, bezocht ze toch de open dag van de Bibliotheek- en Documentatie Academie Tilburg. ‘Eigenlijk voelde ik me er meteen thuis. Als toen nog verlegen meisje was ik daar misschien zelfs wel beter op mijn plek dan als journalist die overal brutaal op af moet stappen.’
Haar eerste werkervaringen waren nogal versnipperd. In Bibliotheek Tilburg werkte Xenia aan de achtergrondcollectie, in Eindhoven ging ze aan de slag met de automatisering en in de kleine dorpsbibliotheek in Waalre had ze op zaterdag een relatief rustige dag in de uitleen.
Toen kwam er dat contract voor 32 uur bij de Technische Universiteit in Eindhoven waar ze, naar eigen zeggen, verliefd werd op de computer. ‘Dat gehannes met kaartjes werd gelukkig verleden tijd. De catalogus met verdiepende achtergrondinformatie zoals in de universiteitsbibliotheken was een voorbeeld. Wat een verademing! Op basis daarvan meedenken met het systeem voor onze bibliotheek was een mooie uitdaging en fouten in de software opsporen nog meer. Ik voelde me een echte pionier.’ Om het ICT-werk nog meer in de vingers te krijgen, behaalde Xenia zelfs certificaten van de AMBI (Automatisering en Mechanisering van de Bestuurlijke Informatievoorziening).
Warme hoekjes in de koude winter
Daarna volgde een letterlijke grensverlegging. In de beginjaren van de éénentwintigste eeuw vertrok Xenia, met man en gezin, naar Princeton in de Verenigde Staten. In die tijd werkte ze niet, maar ze kwam wel regelmatig in de bibliotheek en het verschil met de toenmalige Nederlandse situatie viel haar direct op. ‘In Amerika hadden bibliotheken al een plezierige inrichting, met comfortabele stoelen en plekken om te relaxen en koffie te drinken.’
Na de volgende verhuizing - naar Edmonton in Alberta, Canada - ging Xenia eerst als vrijwilliger aan de slag in de schoolbibliotheek. ‘Zulke bibliotheken waren daar destijds al heel gebruikelijk.’ Korte tijd later werd ze bibliotheekmedewerker in de grote stadsbibliotheek die twee keer in de prijzen viel vanwege de wijze waarop deze volgens “Community-Led Service Philosophy” uiting gaf aan haar brede maatschappelijke taak.
Wat die taak inhield, illustreert Xenia met een voorbeeld uit de praktijk. ‘De Noord-Canadese winters zijn zo lang en koud dat je als dakloze echt niet buiten kunt overleven. Vanuit de nachtopvang stonden ze in de vroege ochtend al in de gang van de bibliotheek, geruisloos te wachten totdat de deuren open gingen. Daarna zag je hen niet meer terug, teruggetrokken in kleine hoekjes, warm en veilig, om de dag door te komen.’ Ze weet nog hoe er uiteindelijk ruimte werd gecreëerd voor de komst van sociaal werkers naar de bibliotheek. ‘Die spraken met mensen en hielpen hen aan huisvesting, gezondheidszorg en nog meer.’
Twee cultuurschokken
Ook praktische ideeën voor de jeugdeducatie nam Xenia vanuit Canada mee terug naar “huis”, want sinds 2018 is ze – na nog een periode in Aberdeen, Schotland – terug in haar geboorteland.
‘In Schotland bleken ze in 2014 de brede maatschappelijke functie van de bibliotheek nog niet te hebben uitgevonden,’ concludeerde Xenia. Specifiek in haar rol als teamleider van de jeugdafdeling stuitte ze vaak op een stroom aan bezwaren, zodra ze een nieuwe activiteit wilde starten. ‘Veranderen vinden mensen vaak niet fijn,’ stelt ze met begrip. Maar aan de grote Schotse hiërarchie kon ze moeilijk wennen. ‘Als mijn collega’s en ik bijvoorbeeld met een slimme crowdfundactie iets voor elkaar hadden gekregen, was het de councilor (gemeenteraadslid – red.) die daarmee op de foto mooie sier ging maken, terwijl wij vanuit de balie mochten toekijken.’
De terugkeer naar Nederland verliep echter minder smooth dan verwacht. ‘Ik was veranderd, of ik was mijn geboorteland in de loop der jaren gaan idealiseren,’ blikt ze terug. ‘Mannen konden ineens niet meer hand in hand lopen in Amsterdam. Toen mijn vader ernstig ziek werd, bleek de gezondheidszorg lang niet zo goed geregeld als ik had gedacht. En ik kon maar moeilijk een huis vinden.’
Boekendans
Nu, zeven jaar later, is Xenia emotioneel geland en blij met haar functie als hoofd educatie jeugd.
‘Een mooie rol waarbij ik positieve ervaringen uit het buitenland probeer toe te passen. Inzetten op early literacy zoals sing sign laugh and learn, een sociale activiteit voor peuters om de communicatie en sociale verbinding te verbeteren door gebruik van gebarentaal. Voor de allerjongsten is er baby laptime, waarbij een groepje moeders (en soms vaders) met hun baby’s op schoot samen liedjes zingen, kartonnen boekjes lezen en samen finger rhymes doen. De Angelsaksische landen besteden aan zulke dingen veel meer aandacht dan wij hier gewend zijn.’
Met deze ideeën in het achterhoofd worden er regelmatig BoekStart workshops en peuterparades georganiseerd in de Hoeksche Waard. Ook voor de wat oudere jeugd is er aandacht. Want dat is volgens Xenia ook het toverwoord om interesse voor leesplezier te kweken: aandacht!
‘Zo organiseren wij bij Bibliotheek Hoeksche Waard speciale educatieve bijeenkomsten voor docenten in het primair onderwijs, waarbij we soms leesbevorderaars/schrijvers uitnodigen, zoals Manon Sikkel, Hans Hagen en Sanne Rooseboom. Bij 25 van de 43 basisscholen en bij drie van de vier scholen voor voortgezet onderwijs in de Hoeksche Waard is er de Bibliotheek op school. Onze leesconsulenten komen regelmatig langs om activiteiten te introduceren of begeleiden. Bijvoorbeeld een boekendans: als de muziek stopt, gaan de kinderen zitten op een stoel en lezen ze een paar minuten in het boek dat daarop ligt. Na diverse rondjes hebben ze met veel boeken kennis gemaakt en kunnen ze gerichter een boek kiezen,’ noemt ze als voorbeeld. ‘Leescultuur hoort bij het gezond opvoeden en daar dragen wij vanuit de bibliotheek graag aan bij.
Ook samen praten over boeken stimuleert het lezen. Denk aan het ganzenbord boekenspel, waarbij deelnemers vragen over boeken moeten beantwoorden. Of de boekenkring, waarin leerkracht en leerlingen samen praten over boeken van verschillende genres. Vroeger kwamen mijn kinderen uit de Canadese school altijd thuis met opdrachten om te reflecteren. In Nederland gebeurt dat helaas nog te weinig. Terwijl dóórvragen zo belangrijk is.’
Geen gekke visie voor iemand die ook wel journalist had willen worden.
Ze voelde zich aanvankelijk een beetje beduusd, toen ze gevraagd werd om iets te vertellen over haar beroep voor Bibliotheekblad, maar ze vond het ook een grote eer. Dit hoofd educatie van de jeugd in de Hoeksche Waard heeft een serieuze boodschap, want ze maakt zich zorgen over de toekomst. Die van het lezen vooral.
‘Voorlezen hoort wat mij betreft bij een gezonde opvoeding’
Xenia de Graaf, hoofd educatie jeugd Bibliotheek Hoeksche Waard
TEKST: LINDA VAN PELT
• FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp
COLLEGA