COLLEGA

TEKST: LINDA VAN PELT FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp

Sergei Khomenko, coördinator Digi-Taalhuis Krimpen

‘Taal is geen doel op zich, maar een middel om wegwijs te raken’

Als ondervinding de beste leermeester is, is Sergei Khomenko uitstekend op zijn plek als coördinator Digi-Taalhuis Krimpen (bij Bibliotheek aan den IJssel). Met veel zelfdiscipline en motivatie leerde deze half Oekraïner/half Rus binnen vijf jaar de Nederlandse taal tot op hoog niveau. Dat anderen dit voorbeeld “moeten” volgen, wil hij niet beweren. ‘Het is veel belangrijker dat je zelfredzaam bent in het land waar je woont. Bij dat wegwijs maken van mensen kan de bibliotheek goed helpen. Alleen, of in samenwerking met andere organisaties.’

Voor de liefde
Sergei Khomenko is een jonge dertiger en vader van een zoontje van twee. Hij is ook een afgestudeerde geschiedenisdocent met een aantal jaren onderwijservaring in zijn vaderland en promoveerde in geschiedenis aan de Lomonosov Moscow State University Scientific Library, waar hij ruim vier jaar werkte als “senior-librarian”. Hij coachte en ondersteunde verschillende studenten bij hun onderzoekstrajecten.

Genoeg ontplooiingsmogelijkheden! Toch ondernam hij begin 2020 de reis naar Nederland. Met de bedoeling om hier te blijven. ‘Nee, ik was hier nog niet eerder geweest,’ beantwoordt hij nuchter de vraag of hij ons land al kende. ‘Louter van verhalen en foto’s en video’s.’

De reden waarom hij die grensverleggende stap zette? ‘Voor de liefde! Mijn vrouw had een aantal jaren aan de Erasmusuniversiteit gestudeerd en vroeg me om met haar in Nederland een bestaan op te bouwen.’

Elk nadeel heeft z’n voordeel
Sergeis komst naar Nederland was nét voor corona. ‘Alles ging op slot. Dat was even wennen, maar had ook zijn meerwaarde, want die situatie gaf me voldoende tijd me te verdiepen in de Nederlandse taal,’ klinkt het alsof het Cruijffiaanse optimisme hem toen al door de aderen stroomde. Zeker negen uur per week besteedde hij aan taalverwerving, vertelt Sergei. ‘Met studieboeken, met video’s op internet. Vooral met variatie. Verder kreeg ik een taalmaatje via de Stichting Taalcoaching in Capelle aan den IJssel. Daar heb ik geluk mee gehad, want de man die mij hielp om Nederlands te leren, was ook een professionele NT2-docent.’

Nederlands in de praktijk
Van het najaar van 2020 tot de lente van 2021 werkte Sergei bij het Internationaal Strafhof in Den Haag. ‘Hier kan ik niet zoveel over vertellen, hooguit dat we een zeer strikte werkwijze hadden. Het was jammer dat de voertaal Engels was, terwijl ik juist graag mijn Nederlands meer in praktijk wilde brengen.’

Die wens werd de stap naar Bibliotheek aan den IJssel. ‘Waar ik eerst als leerling binnenkwam, en later als vrijwilliger bij reguliere activiteiten als de Leeskring en het Taalcafé, ging ik aan het werk als coördinator Digi-Taalhuis.’

Hoewel hij zeker regelmatig aanwezig is bij educatieve activiteiten in de bibliotheek, houdt hij zich als coördinator vooral bezig met het werk áchter de schermen. Maandelijkse afspraken met de gemeente Krimpen aan den IJssel, het maken van een themakalender, brainstormen met collega’s over nieuwe activiteiten, aanhaken bij landelijke acties in de Nederlandse bibliotheken.

Sergei: ‘Het Digi-Taalhuis Krimpen heeft een samenwerkingsverband met veel partners, zoals Stichting Lezen en Schrijven, Bibliotheek aan den IJssel, inloophuis Crimpen Inn, welzijnsorganisatie KrimpenWijzer, VluchtelingenWerk, Zorggroep Krimpen en de gemeente Krimpen aan den IJssel. En we hopen op korte termijn nog te gaan samenwerken met de Molukse gemeente en Streekmuseum Krimpenerwaard.’

Moeilijke brieven
‘Digi-Taalhuis is er niet alléén voor mensen die Nederlands willen leren. We richten ons op drie doelgroepen. Inderdaad op degenen die Nederlands als tweede (of derde of vierde) taal willen leren. Maar ook op de NT1-doelgroep voor wie Nederlands de eerste taal is, maar die onvoldoende basisvaardigheden heeft, bijvoorbeeld in lezen, schrijven of rekenen of rond andere thema’s, zoals gezondheid of armoede. Als derde verzorgen we cursussen en trainingen voor een professionele doelgroep: organisaties die op hun beurt diensten verlenen aan mensen met onvoldoende basisvaardigheden.’

Een van de belangrijkste kwaliteiten van een professionele organisatie vindt Sergei het gericht kunnen helpen of doorverwijzen naar andere partijen. ‘Dat geldt uiteraard voor de bibliotheek, maar in feite voor de hele maatschappij. Verder vind ik het van belang dat er vanuit organisaties meer wordt gecheckt of de inhoud van de door hen verstuurde brieven ook daadwerkelijk wordt begrepen door de ontvangers.’

Geen heilig moeten
Zo komen we toch weer bij de taal. ‘Het is natuurlijk een voordeel, als je de taal beheerst van het land waarin je woont. Vanuit mijn perspectief vooral als middel om het belangrijkste doel te bereiken, namelijk zelfredzaam zijn. “Taalleerders moeten…” hoor ik regelmatig beweren. Néé, zeg ik dan. Ze moeten niks, maar nogmaals, het is wel belangrijk dat je jezelf kunt redden. Het maakt niet uit door welke partij je geholpen wordt, als je maar weet waar je de benodigde hulp kunt vinden. Daarom ben ik ook zo blij met ons grote professionele netwerk. Samen kunnen we meer hulpvragers, op een breder gebied, van dienst zijn.’

Geen wereld van verschil
‘Sommige mensen moeten eerst léren leren. Simpelweg omdat ze dit niet gewend zijn. Dat geldt voor volwassenen en voor kinderen,’ spreekt hij uit ervaring. Naast zijn werk bij Bibliotheek Krimpen staat Sergei één dag per week voor de klas als docent geschiedenis op een democratische school in Soest, waar leerlingen in grote mate zelf kunnen bepalen, waar hun belangstelling naar uitgaat. Die zelfsturing spreekt de geschiedenisleraar wel aan. ‘Als ik aan de gezichten van mijn leerlingen zie dat het saai wordt, pas ik me aan en verander ik van tactiek.’ Ook neemt hij regelmatig concrete voorbeelden mee om de leerstof tastbaarder te maken. ‘Zoals een oorlogskrant uit Tweede Wereldoorlog. Die sprak zeer tot de verbeelding.’

Zou het in Rusland ook mogelijk zijn, democratische inspraak voor de leerlingen?

Sergei: ‘De Russische en Nederlandse geschiedenislessen verschillen niet zo veel van elkaar.  Hooguit qua inhoud. In Rusland zijn er misschien nét wat meer details of data. En de historische termen zijn wellicht nét wat wetenschappelijker van karakter, maar uiteindelijk moeten ook de Nederlandse leerlingen en studenten op niveau geïnformeerd zijn om te kunnen slagen voor hun examen.’

Geknipt
Om het leerproces in Digi-Taalhuis Krimpen ook levendig te houden, werden er originele activiteiten voor het Taalcafé of de Leesclub geïntroduceerd. ‘Denk aan samen creatief bezig zijn – Kunst en Klets – of samen zingen in de Nederlandse taal.’ Sergei heeft ooit een presentatie gezien van het zogeheten camouflage-leren – eer wie ere toekomt – verzorgd door Cubiss. ‘Ik weet niet of ik dit moet verklappen, want dan hebben deelnemers straks door hoe het werkt,’ meldt hij met een lach. ‘Maar het is een goede oplossing voor mensen die wel taalvaardiger willen worden, maar geen formele taalcursus willen volgen. Door die creatieve technieken hebben ze nauwelijks in de gaten dat ze aan het leren zijn. Al kleiend of zingend komen er veel Nederlandse woorden voorbij, die je ook nog eens beter onthoudt als je met plezier bezig bent.’

Een tijdje terug was er een buitenlandse mevrouw bij de creatieve taalles, die klaagde dat ze niet kon knippen met een schaar, want dat had ze nog nooit gedaan.

‘Dat is een mooi moment om het een keertje te proberen,’ reageerde Sergei. ‘We knipten eerst samen. Later vertelde ze me dat ze het zelf thuis ook had geoefend. Dat is een mooie sprong voorwaarts.’

Twee talen, twee culturen
Zijn tweejarige zoontje leest hij graag en veel voor. Zowel in het Russisch als in het Nederlands.

‘Het is goed dat hij beide talen leert, want ik denk dat we hier nog lang blijven. De vrijheid van de Nederlandse leefstijl ligt me wel. Alleen moet je hier altijd éérst afspreken als je iemand wilt bezoeken. In Rusland kan dat spontaner. Maar misschien kan je ook spontane afspraken maken? Zo van: heb je vandaag wat te doen? Nee? Zullen we dan vanmiddag gaan wandelen in het bos.’

De kortetermijnafspraak… het beste uit twee culturen.

Bibliotheekblad 3 • maart 2025

Bibliotheekblad 3 • maart 2025

Voor de liefde
Sergei Khomenko is een jonge dertiger en vader van een zoontje van twee. Hij is ook een afgestudeerde geschiedenisdocent met een aantal jaren onderwijservaring in zijn vaderland en promoveerde in geschiedenis aan de Lomonosov Moscow State University Scientific Library, waar hij ruim vier jaar werkte als “senior-librarian”. Hij coachte en ondersteunde verschillende studenten bij hun onderzoekstrajecten.

Genoeg ontplooiingsmogelijkheden! Toch ondernam hij begin 2020 de reis naar Nederland. Met de bedoeling om hier te blijven. ‘Nee, ik was hier nog niet eerder geweest,’ beantwoordt hij nuchter de vraag of hij ons land al kende. ‘Louter van verhalen en foto’s en video’s.’

De reden waarom hij die grensverleggende stap zette? ‘Voor de liefde! Mijn vrouw had een aantal jaren aan de Erasmusuniversiteit gestudeerd en vroeg me om met haar in Nederland een bestaan op te bouwen.’

Elk nadeel heeft z’n voordeel
Sergeis komst naar Nederland was nét voor corona. ‘Alles ging op slot. Dat was even wennen, maar had ook zijn meerwaarde, want die situatie gaf me voldoende tijd me te verdiepen in de Nederlandse taal,’ klinkt het alsof het Cruijffiaanse optimisme hem toen al door de aderen stroomde. Zeker negen uur per week besteedde hij aan taalverwerving, vertelt Sergei. ‘Met studieboeken, met video’s op internet. Vooral met variatie. Verder kreeg ik een taalmaatje via de Stichting Taalcoaching in Capelle aan den IJssel. Daar heb ik geluk mee gehad, want de man die mij hielp om Nederlands te leren, was ook een professionele NT2-docent.’

Nederlands in de praktijk
Van het najaar van 2020 tot de lente van 2021 werkte Sergei bij het Internationaal Strafhof in Den Haag. ‘Hier kan ik niet zoveel over vertellen, hooguit dat we een zeer strikte werkwijze hadden. Het was jammer dat de voertaal Engels was, terwijl ik juist graag mijn Nederlands meer in praktijk wilde brengen.’

Die wens werd de stap naar Bibliotheek aan den IJssel. ‘Waar ik eerst als leerling binnenkwam, en later als vrijwilliger bij reguliere activiteiten als de Leeskring en het Taalcafé, ging ik aan het werk als coördinator Digi-Taalhuis.’

Hoewel hij zeker regelmatig aanwezig is bij educatieve activiteiten in de bibliotheek, houdt hij zich als coördinator vooral bezig met het werk áchter de schermen. Maandelijkse afspraken met de gemeente Krimpen aan den IJssel, het maken van een themakalender, brainstormen met collega’s over nieuwe activiteiten, aanhaken bij landelijke acties in de Nederlandse bibliotheken.

Sergei: ‘Het Digi-Taalhuis Krimpen heeft een samenwerkingsverband met veel partners, zoals Stichting Lezen en Schrijven, Bibliotheek aan den IJssel, inloophuis Crimpen Inn, welzijnsorganisatie KrimpenWijzer, VluchtelingenWerk, Zorggroep Krimpen en de gemeente Krimpen aan den IJssel. En we hopen op korte termijn nog te gaan samenwerken met de Molukse gemeente en Streekmuseum Krimpenerwaard.’

Moeilijke brieven
‘Digi-Taalhuis is er niet alléén voor mensen die Nederlands willen leren. We richten ons op drie doelgroepen. Inderdaad op degenen die Nederlands als tweede (of derde of vierde) taal willen leren. Maar ook op de NT1-doelgroep voor wie Nederlands de eerste taal is, maar die onvoldoende basisvaardigheden heeft, bijvoorbeeld in lezen, schrijven of rekenen of rond andere thema’s, zoals gezondheid of armoede. Als derde verzorgen we cursussen en trainingen voor een professionele doelgroep: organisaties die op hun beurt diensten verlenen aan mensen met onvoldoende basisvaardigheden.’

Een van de belangrijkste kwaliteiten van een professionele organisatie vindt Sergei het gericht kunnen helpen of doorverwijzen naar andere partijen. ‘Dat geldt uiteraard voor de bibliotheek, maar in feite voor de hele maatschappij. Verder vind ik het van belang dat er vanuit organisaties meer wordt gecheckt of de inhoud van de door hen verstuurde brieven ook daadwerkelijk wordt begrepen door de ontvangers.’

Geen heilig moeten
Zo komen we toch weer bij de taal. ‘Het is natuurlijk een voordeel, als je de taal beheerst van het land waarin je woont. Vanuit mijn perspectief vooral als middel om het belangrijkste doel te bereiken, namelijk zelfredzaam zijn. “Taalleerders moeten…” hoor ik regelmatig beweren. Néé, zeg ik dan. Ze moeten niks, maar nogmaals, het is wel belangrijk dat je jezelf kunt redden. Het maakt niet uit door welke partij je geholpen wordt, als je maar weet waar je de benodigde hulp kunt vinden. Daarom ben ik ook zo blij met ons grote professionele netwerk. Samen kunnen we meer hulpvragers, op een breder gebied, van dienst zijn.’

Geen wereld van verschil
‘Sommige mensen moeten eerst léren leren. Simpelweg omdat ze dit niet gewend zijn. Dat geldt voor volwassenen en voor kinderen,’ spreekt hij uit ervaring. Naast zijn werk bij Bibliotheek Krimpen staat Sergei één dag per week voor de klas als docent geschiedenis op een democratische school in Soest, waar leerlingen in grote mate zelf kunnen bepalen, waar hun belangstelling naar uitgaat. Die zelfsturing spreekt de geschiedenisleraar wel aan. ‘Als ik aan de gezichten van mijn leerlingen zie dat het saai wordt, pas ik me aan en verander ik van tactiek.’ Ook neemt hij regelmatig concrete voorbeelden mee om de leerstof tastbaarder te maken. ‘Zoals een oorlogskrant uit Tweede Wereldoorlog. Die sprak zeer tot de verbeelding.’

Zou het in Rusland ook mogelijk zijn, democratische inspraak voor de leerlingen?

Sergei: ‘De Russische en Nederlandse geschiedenislessen verschillen niet zo veel van elkaar.  Hooguit qua inhoud. In Rusland zijn er misschien nét wat meer details of data. En de historische termen zijn wellicht nét wat wetenschappelijker van karakter, maar uiteindelijk moeten ook de Nederlandse leerlingen en studenten op niveau geïnformeerd zijn om te kunnen slagen voor hun examen.’

Geknipt
Om het leerproces in Digi-Taalhuis Krimpen ook levendig te houden, werden er originele activiteiten voor het Taalcafé of de Leesclub geïntroduceerd. ‘Denk aan samen creatief bezig zijn – Kunst en Klets – of samen zingen in de Nederlandse taal.’ Sergei heeft ooit een presentatie gezien van het zogeheten camouflage-leren – eer wie ere toekomt – verzorgd door Cubiss. ‘Ik weet niet of ik dit moet verklappen, want dan hebben deelnemers straks door hoe het werkt,’ meldt hij met een lach. ‘Maar het is een goede oplossing voor mensen die wel taalvaardiger willen worden, maar geen formele taalcursus willen volgen. Door die creatieve technieken hebben ze nauwelijks in de gaten dat ze aan het leren zijn. Al kleiend of zingend komen er veel Nederlandse woorden voorbij, die je ook nog eens beter onthoudt als je met plezier bezig bent.’

Een tijdje terug was er een buitenlandse mevrouw bij de creatieve taalles, die klaagde dat ze niet kon knippen met een schaar, want dat had ze nog nooit gedaan.

‘Dat is een mooi moment om het een keertje te proberen,’ reageerde Sergei. ‘We knipten eerst samen. Later vertelde ze me dat ze het zelf thuis ook had geoefend. Dat is een mooie sprong voorwaarts.’

Twee talen, twee culturen
Zijn tweejarige zoontje leest hij graag en veel voor. Zowel in het Russisch als in het Nederlands.

‘Het is goed dat hij beide talen leert, want ik denk dat we hier nog lang blijven. De vrijheid van de Nederlandse leefstijl ligt me wel. Alleen moet je hier altijd éérst afspreken als je iemand wilt bezoeken. In Rusland kan dat spontaner. Maar misschien kan je ook spontane afspraken maken? Zo van: heb je vandaag wat te doen? Nee? Zullen we dan vanmiddag gaan wandelen in het bos.’

De kortetermijnafspraak… het beste uit twee culturen.

Als ondervinding de beste leermeester is, is Sergei Khomenko uitstekend op zijn plek als coördinator Digi-Taalhuis Krimpen (bij Bibliotheek aan den IJssel). Met veel zelfdiscipline en motivatie leerde deze half Oekraïner/half Rus binnen vijf jaar de Nederlandse taal tot op hoog niveau. Dat anderen dit voorbeeld “moeten” volgen, wil hij niet beweren. ‘Het is veel belangrijker dat je zelfredzaam bent in het land waar je woont. Bij dat wegwijs maken van mensen kan de bibliotheek goed helpen. Alleen, of in samenwerking met andere organisaties.’

‘Taal is geen doel op zich, maar een middel om wegwijs te raken’

Sergei Khomenko, coördinator Digi-Taalhuis Krimpen

TEKST: LINDA VAN PELT
FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp

COLLEGA