COLLEGA
TEKST: LINDA VAN PELT • FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp
Alcira Bojórquez Segura, community librarian en medewerker front office Bibliotheek Veldhoven
‘Ik ben dankbaar voor alle goede dingen die Nederland me heeft gebracht’
Je geboorteland en moedertaal achterlaten en ergens anders opnieuw beginnen: Alcira Bojórquez Segura weet hoe dat voelt. Twintig jaar terug verruilde ze Lima in Peru voor Nederland. 'Door een nieuwe taal te leren ben ik mijn eigenheid niet verloren, maar is er juist iets nieuws bijgekomen!' Die boodschap brengt ze ook graag over aan nieuwkomers in de bibliotheek, als levende link tussen de verschillende culturen. ‘Kinderen tweetalig opvoeden is prima, want contact met verschillende talen geeft inzicht in talige structuren en stimuleert de taalontwikkeling.’
België
Het was nooit Alcira’s wens om Peru definitief te verlaten, maar zo lang als ze zich kan herinneren, was er wel het verlangen om veel van de wereld te zien. ‘Veel van mijn familieleden hebben in Europa gestudeerd en dat voorbeeld wilde ik graag volgen.’
Haar hele schooltijd, op een katholieke privéschool, geleid door Franse priesters, droomde Alcira over zulke reisavonturen. ‘In Peru zit je van je vierde tot je zeventiende op dezelfde school. Veel ouders verkiezen een privéschool voor hun kinderen vanwege de goede kwaliteit van het onderwijs. Peru is niet zo’n verzorgingsstaat als hier in Nederland, dus je moet je soms wat extra inspannen om dingen goed voor elkaar te krijgen.’
Tijdens haar studie Economie aan de Universidad del Pacífico in Lima werd Alcira verliefd op een Nederlandse student, die juist het tijdelijk wonen in Zuid-Amerika als groot avontuur beschouwde.
‘Mijn man en ik leerden elkaar kennen als studenten aan de universiteit in Lima. Daar werden we verliefd op elkaar. Na zes maanden ging hij terug naar Nederland en ik bleef in Peru om mijn studie af te ronden.
Na zeven maanden op afstand besloot ik een uitwisselingsprogramma in België te volgen, terwijl mijn man zijn studie afrondde met een afstudeeropdracht op Maastricht Airport. De treinreis van twee uur tussen Brussel en Maastricht was goed te doen, zeker in vergelijking met de twaalf uur vliegen tussen Lima en Amsterdam.’
Bij de nonnen
Hoewel Brussel voornamelijk Franstalig is, leerde Alcira er ook wat Nederlands. Tenminste, dat dácht ze. Want zodra ze bij haar schoonouders (afkomstig uit Den Bosch en Reuver) over de vloer kwam, constateerden die vrijwel meteen: ‘Dat is geen Nederlands, maar Vlaams.’ Andersom was voor Alcira het Limburgse accent een beetje verwarrend, maar het wende snel. 'In tegenstelling tot mijn man, met wie ik destijds voornamelijk Engels sprak, hadden mijn schoonouders eindeloos geduld om met mij louter Nederlands te spreken.'
Doordat Alcira in België officieel was geaccepteerd als nieuwe Europeaan, hoefde ze in Nederland niet meer in te burgeren. ‘Ik had niet eens recht op een inburgeringscursus.’ Maar Nederlands leren stond wel op haar wishlist. Dat werd een stevige stoomcursus in het toenmalige Heilig Hart Klooster in Reuver waar een van de dominicanessen “dat meisje uit Peru” wekelijks een paar uur individuele taalles gaf en haar naar huis stuurde met een dik pak huiswerk. ‘Soms wel 100 pagina’s per week, bijvoorbeeld met eindeloze vervoegingen.’ Achteraf is Alcira er heel dankbaar voor, want binnen vijf maanden steeg haar niveau van A1 naar B1. Daarna volgde nog een Nederlandse NT2-cursus waarvoor ze, samen met een Chileense vriendin, bloedfanatiek bijna alle voorgaande examens doornam als voorbereiding op het behalen van het NT2.2 diploma. (Beter bekend als: NT2 Staatsexamen II, red.)
Omgekeerde cultuurschok
Toen was eind 2002 de tijd rijp voor het vinden van een baan in Nederland. Vijf jaar werkte ze bij een internationaal beveiligingsbedrijf, waar meertaligheid werd gewaardeerd. Na de geboorte van haar zoon, die wat extra zorg nodig had, bleef Alcira een tijdje thuis. Voor het werk van haar man waren er een paar verhuizingen, onder andere naar Barcelona. ‘Waar ze geen Spaans maar Catalaans spraken.’ Vanwege ziekte van haar moeder keerde Alcira in 2012 terug naar haar thuisland, dit keer samen met haar gezin. ‘Het voelde bijna als een cultuurschok, toen ik besefte dat ik niet meer dezelfde persoon was als bij mijn vertrek. De directheid van de Nederlandse cultuur zit nu ook in mij. Ik waardeer die openheid in plaats van eindeloos je woorden wikken en wegen en nóg niet zeggen wat je eigenlijk bedoelt. Nederlanders zijn te nieuwsgierig, klagen buitenlanders soms. Maar ik weet nu: het is gewoon interesse.’
Na herstel van haar moeder, in 2014, besloot het gezin terug te keren naar Nederland. ‘Omdat daar de zorg die wij zochten voor onze zoon beter geregeld is. Nog vanuit Peru solliciteerde mijn man online en binnen een maand was alles geregeld.’
In de Brainportregio (Eindhoven en Zuidoost-Brabant, red.) viel de keuze op Helmond. ‘Toch net wat kleiner en gemoedelijker dan Eindhoven.’ Alcira startte met het geven van Spaanse les: aan volwassenen (La Casa del Español) en aan kinderen bij De Carrousel (onderdeel van het Centro Latino Americano de Orientación in Eindhoven). ‘Mijn zoon en dochter hebben daar zelf ook les gehad, want ik vond het belangrijk dat ze ook andere Spaanstalige/Latijns-Amerikaanse kinderen zouden ontmoeten en zich realiseerden dat ze niet de enigen zijn met deze dubbele taal- en cultuurachtergrond.’
Biebfan
‘Als ik op een nieuwe plek ging wonen was een van de eerste dingen die ik deed, een bibliotheekpas aanvragen’, vervolgt Alcira, vrijwel vanaf de eerste dag fan van de Nederlandse bibliotheek.
‘In Peru zijn de bibliotheken nog ouderwets en klassiek. En je moet er stil zijn. In Nederland heten ze niet voor niets de huiskamer van de stad. Ze zijn een veelzijdig onderdeel van het cultureel leven.’
Haar enthousiasme maakte haar ook vrijwilliger voor de de Bibliotheek op school. ‘Samen met een groep moeders die lezen ook belangrijk vindtis het gelukt de Vrije School Peelland ook te motiveren tot de BoS-formule, als vervanging van de eigen, verouderde schoolbibliotheek.’
Sinds de zomer van 2024 werkt Alcira bij Bibliotheek Veldhoven. Ze vindt het leuk om in de frontoffice leesadvies te geven, maar extra trots is ze op haar bijdrage aan het programma “Van Alle Talen Thuis”, een impulsprogramma dat kinderen van 0 tot 12 jaar de kans biedt op school, in kinderopvanglocaties en in de bibliotheek ook boeken in hun thuistalen te ontdekken. ‘Deelnemende bibliotheken bieden niet alleen boeken, maar organiseren ook activiteiten in samenwerking met meertalige groepen. Op die manier is de bibliotheek een plek waar actief kennis overgedragen wordt en verbinding plaatsvindt. Dit zorgt voor begrip tussen culturen en een sterkere gemeenschap.’
Dit project is een samenwerkingsverband tussen de vijf bibliotheken in de internationale Brainportregio: Eindhoven, Helmond-Peel, Veldhoven, Dommeldal en De Kempen. Ook Hogeschool de Kempel, het Heritage Language Education Network en Summa & Bedrijf dragen hier educatief aan bij. Het programma wordt financieel mogelijk gemaakt door ASML.
Toekomstdroom
‘Het is belangrijk om moedertalen levend te houden’, vindt Alcira. ‘Niet alleen voor nieuwe migranten, maar soms ook over generatiegrenzen heen. Uit ervaring met mijn eigen kinderen weet ik dat een moedertaal functioneert als kapstok om later nieuwe begrippen in een andere taal aan op te hangen. Dat proces verloopt spelenderwijs en zorgt voor een beter taalniveau.’
Vanuit haar deelname in de werkgroep collectioneren weet ze, dat in Noorwegen de Koninklijke Bibliotheek de meertaligheid over het hele land financieel steunt. ‘Ik hoop zó dat dit in Nederland in de toekomst ook gaat gebeuren! Voor Van Alle Talen Thuis kopen wij in bij de oorspronkelijke uitgevers, wat natuurlijk een logistiek omvangrijke en kostbare klus is. Hopelijk kan dit initiatief uitgroeien tot een landelijk netwerk waar bibliotheken en scholen internationale (deel)collecties kunnen lenen, afgestemd op de daar aanwezige talen.’
Alcira snapt ook hoe het voelt als je alles hebt moeten achterlaten om ergens opnieuw te beginnen. ‘Vaak met als drijfveer een betere toekomst voor de kinderen. Ik denk dat buitenlanders zich eerder thuis voelen als ze hier ook boeken in hun eigen thuistaal beschikbaar hebben en ook stap voor stap Nederlands gaan leren. Zelf ben ik dankbaar voor alle goede dingen die Nederland me heeft gebracht, en dat positieve gevoel deel ik graag met anderen. Tot slot: een nieuwe taal leren betekent zeker niet dat je je eigen identiteit verloochent. Je doet niet iets wég, maar wint er iets bij. Naast het behouden van je eigenheid, maak je kennis met een nieuwe cultuur. Die boodschap uitdragen zie ik als mijn rol.’
Bibliotheekblad 5 • mei 2025
Bibliotheekblad 5 • mei 2025
België
Het was nooit Alcira’s wens om Peru definitief te verlaten, maar zo lang als ze zich kan herinneren, was er wel het verlangen om veel van de wereld te zien. ‘Veel van mijn familieleden hebben in Europa gestudeerd en dat voorbeeld wilde ik graag volgen.’
Haar hele schooltijd, op een katholieke privéschool, geleid door Franse priesters, droomde Alcira over zulke reisavonturen. ‘In Peru zit je van je vierde tot je zeventiende op dezelfde school. Veel ouders verkiezen een privéschool voor hun kinderen vanwege de goede kwaliteit van het onderwijs. Peru is niet zo’n verzorgingsstaat als hier in Nederland, dus je moet je soms wat extra inspannen om dingen goed voor elkaar te krijgen.’
Tijdens haar studie Economie aan de Universidad del Pacífico in Lima werd Alcira verliefd op een Nederlandse student, die juist het tijdelijk wonen in Zuid-Amerika als groot avontuur beschouwde.
‘Mijn man en ik leerden elkaar kennen als studenten aan de universiteit in Lima. Daar werden we verliefd op elkaar. Na zes maanden ging hij terug naar Nederland en ik bleef in Peru om mijn studie af te ronden.
Na zeven maanden op afstand besloot ik een uitwisselingsprogramma in België te volgen, terwijl mijn man zijn studie afrondde met een afstudeeropdracht op Maastricht Airport. De treinreis van twee uur tussen Brussel en Maastricht was goed te doen, zeker in vergelijking met de twaalf uur vliegen tussen Lima en Amsterdam.’
Bij de nonnen
Hoewel Brussel voornamelijk Franstalig is, leerde Alcira er ook wat Nederlands. Tenminste, dat dácht ze. Want zodra ze bij haar schoonouders (afkomstig uit Den Bosch en Reuver) over de vloer kwam, constateerden die vrijwel meteen: ‘Dat is geen Nederlands, maar Vlaams.’ Andersom was voor Alcira het Limburgse accent een beetje verwarrend, maar het wende snel. 'In tegenstelling tot mijn man, met wie ik destijds voornamelijk Engels sprak, hadden mijn schoonouders eindeloos geduld om met mij louter Nederlands te spreken.'
Doordat Alcira in België officieel was geaccepteerd als nieuwe Europeaan, hoefde ze in Nederland niet meer in te burgeren. ‘Ik had niet eens recht op een inburgeringscursus.’ Maar Nederlands leren stond wel op haar wishlist. Dat werd een stevige stoomcursus in het toenmalige Heilig Hart Klooster in Reuver waar een van de dominicanessen “dat meisje uit Peru” wekelijks een paar uur individuele taalles gaf en haar naar huis stuurde met een dik pak huiswerk. ‘Soms wel 100 pagina’s per week, bijvoorbeeld met eindeloze vervoegingen.’ Achteraf is Alcira er heel dankbaar voor, want binnen vijf maanden steeg haar niveau van A1 naar B1. Daarna volgde nog een Nederlandse NT2-cursus waarvoor ze, samen met een Chileense vriendin, bloedfanatiek bijna alle voorgaande examens doornam als voorbereiding op het behalen van het NT2.2 diploma. (Beter bekend als: NT2 Staatsexamen II, red.)
Omgekeerde cultuurschok
Toen was eind 2002 de tijd rijp voor het vinden van een baan in Nederland. Vijf jaar werkte ze bij een internationaal beveiligingsbedrijf, waar meertaligheid werd gewaardeerd. Na de geboorte van haar zoon, die wat extra zorg nodig had, bleef Alcira een tijdje thuis. Voor het werk van haar man waren er een paar verhuizingen, onder andere naar Barcelona. ‘Waar ze geen Spaans maar Catalaans spraken.’ Vanwege ziekte van haar moeder keerde Alcira in 2012 terug naar haar thuisland, dit keer samen met haar gezin. ‘Het voelde bijna als een cultuurschok, toen ik besefte dat ik niet meer dezelfde persoon was als bij mijn vertrek. De directheid van de Nederlandse cultuur zit nu ook in mij. Ik waardeer die openheid in plaats van eindeloos je woorden wikken en wegen en nóg niet zeggen wat je eigenlijk bedoelt. Nederlanders zijn te nieuwsgierig, klagen buitenlanders soms. Maar ik weet nu: het is gewoon interesse.’
Na herstel van haar moeder, in 2014, besloot het gezin terug te keren naar Nederland. ‘Omdat daar de zorg die wij zochten voor onze zoon beter geregeld is. Nog vanuit Peru solliciteerde mijn man online en binnen een maand was alles geregeld.’
In de Brainportregio (Eindhoven en Zuidoost-Brabant, red.) viel de keuze op Helmond. ‘Toch net wat kleiner en gemoedelijker dan Eindhoven.’ Alcira startte met het geven van Spaanse les: aan volwassenen (La Casa del Español) en aan kinderen bij De Carrousel (onderdeel van het Centro Latino Americano de Orientación in Eindhoven). ‘Mijn zoon en dochter hebben daar zelf ook les gehad, want ik vond het belangrijk dat ze ook andere Spaanstalige/Latijns-Amerikaanse kinderen zouden ontmoeten en zich realiseerden dat ze niet de enigen zijn met deze dubbele taal- en cultuurachtergrond.’
Biebfan
‘Als ik op een nieuwe plek ging wonen was een van de eerste dingen die ik deed, een bibliotheekpas aanvragen’, vervolgt Alcira, vrijwel vanaf de eerste dag fan van de Nederlandse bibliotheek.
‘In Peru zijn de bibliotheken nog ouderwets en klassiek. En je moet er stil zijn. In Nederland heten ze niet voor niets de huiskamer van de stad. Ze zijn een veelzijdig onderdeel van het cultureel leven.’
Haar enthousiasme maakte haar ook vrijwilliger voor de de Bibliotheek op school. ‘Samen met een groep moeders die lezen ook belangrijk vindtis het gelukt de Vrije School Peelland ook te motiveren tot de BoS-formule, als vervanging van de eigen, verouderde schoolbibliotheek.’
Sinds de zomer van 2024 werkt Alcira bij Bibliotheek Veldhoven. Ze vindt het leuk om in de frontoffice leesadvies te geven, maar extra trots is ze op haar bijdrage aan het programma “Van Alle Talen Thuis”, een impulsprogramma dat kinderen van 0 tot 12 jaar de kans biedt op school, in kinderopvanglocaties en in de bibliotheek ook boeken in hun thuistalen te ontdekken. ‘Deelnemende bibliotheken bieden niet alleen boeken, maar organiseren ook activiteiten in samenwerking met meertalige groepen. Op die manier is de bibliotheek een plek waar actief kennis overgedragen wordt en verbinding plaatsvindt. Dit zorgt voor begrip tussen culturen en een sterkere gemeenschap.’
Dit project is een samenwerkingsverband tussen de vijf bibliotheken in de internationale Brainportregio: Eindhoven, Helmond-Peel, Veldhoven, Dommeldal en De Kempen. Ook Hogeschool de Kempel, het Heritage Language Education Network en Summa & Bedrijf dragen hier educatief aan bij. Het programma wordt financieel mogelijk gemaakt door ASML.
Toekomstdroom
‘Het is belangrijk om moedertalen levend te houden’, vindt Alcira. ‘Niet alleen voor nieuwe migranten, maar soms ook over generatiegrenzen heen. Uit ervaring met mijn eigen kinderen weet ik dat een moedertaal functioneert als kapstok om later nieuwe begrippen in een andere taal aan op te hangen. Dat proces verloopt spelenderwijs en zorgt voor een beter taalniveau.’
Vanuit haar deelname in de werkgroep collectioneren weet ze, dat in Noorwegen de Koninklijke Bibliotheek de meertaligheid over het hele land financieel steunt. ‘Ik hoop zó dat dit in Nederland in de toekomst ook gaat gebeuren! Voor Van Alle Talen Thuis kopen wij in bij de oorspronkelijke uitgevers, wat natuurlijk een logistiek omvangrijke en kostbare klus is. Hopelijk kan dit initiatief uitgroeien tot een landelijk netwerk waar bibliotheken en scholen internationale (deel)collecties kunnen lenen, afgestemd op de daar aanwezige talen.’
Alcira snapt ook hoe het voelt als je alles hebt moeten achterlaten om ergens opnieuw te beginnen. ‘Vaak met als drijfveer een betere toekomst voor de kinderen. Ik denk dat buitenlanders zich eerder thuis voelen als ze hier ook boeken in hun eigen thuistaal beschikbaar hebben en ook stap voor stap Nederlands gaan leren. Zelf ben ik dankbaar voor alle goede dingen die Nederland me heeft gebracht, en dat positieve gevoel deel ik graag met anderen. Tot slot: een nieuwe taal leren betekent zeker niet dat je je eigen identiteit verloochent. Je doet niet iets wég, maar wint er iets bij. Naast het behouden van je eigenheid, maak je kennis met een nieuwe cultuur. Die boodschap uitdragen zie ik als mijn rol.’
Je geboorteland en moedertaal achterlaten en ergens anders opnieuw beginnen: Alcira Bojórquez Segura weet hoe dat voelt. Twintig jaar terug verruilde ze Lima in Peru voor Nederland. 'Door een nieuwe taal te leren ben ik mijn eigenheid niet verloren, maar is er juist iets nieuws bijgekomen!' Die boodschap brengt ze ook graag over aan nieuwkomers in de bibliotheek, als levende link tussen de verschillende culturen. ‘Kinderen tweetalig opvoeden is prima, want contact met verschillende talen geeft inzicht in talige structuren en stimuleert de taalontwikkeling.’
‘Ik ben dankbaar voor alle goede dingen die Nederland me heeft gebracht’
Alcira Bojórquez Segura, community librarian en medewerker front office Bibliotheek Veldhoven
TEKST: LINDA VAN PELT
• FOTO’S (INCLUSIEF COVER): Ivonne Zijp
COLLEGA