Afbeelding 6: Constantijn Huygens jr., Dagboekfragment (KB, KW 1920 A 279).
Afbeelding 5: Romein de Hooghe, Tocht van Willem III naar Engeland, ingekleurde ets, naar tekening van Hekhuisen, uit: Atlas van der Hagen, plaat 7 (KW 1049 B 11).
Afbeelding 4: Constantijn Huygens jr., Stadsgezicht van Tournon, tekening met zwart krijt, 1649, fol. 65r. (KB, KW KA 53).
Afbeelding 3: Constantijn Huygens jr., Dagboek, 21 oktober 1688 (KB, KW KA 54).
Afbeelding 2: (Constantijn Huygens jr.), Zelfportret (?) van Constantijn Huygens de Jonge, tekening, 1685 (Rijksmuseum Amsterdam, RP-T-1888-A-1520).
Afbeelding 1: Collectie dagboeken van Constantijn Huygens jr. (KB, KW KA 53, KA 53a-g, KA 54).
Uit deze hofperiode zijn de meeste dagboeken bewaard gebleven. De functie van secretaris gaf Huygens veel meer aanleiding om in zijn dagboek te schrijven. Hij moest regelmatig de stadhouder vergezellen als deze op campagne ging. Zo hield Huygens dagboeken bij tijdens de veldtochten van Willem III in de jaren 1673-1678 en tijdens diplomatieke reizen in 1680, 1682 en 1683. Van 1688 tot 1696 hield Huygens een doorlopend dagboek bij. Over de acht jaar ontbreken slechts 25 dagen. Als secretaris van Willem III bevond Huygens zich vaak in het hart van de politieke gebeurtenissen. Juist daardoor zijn de dagboeken uit deze periode zo waardevol. Willem III voerde oorlog tegen de Franse koning Lodewijk XIV en vertrok in 1688 naar Engeland om zijn schoonvader James II van de troon te verdrijven. Huygens maakte deze laatste gebeurtenis, later bekend als de Glorious Revolution, van nabij mee. Zijn dagboek begint op donderdag 21 oktober 1688, wanneer hij hoort dat hij met Willem III naar Engeland zal afreizen. “Une grande et glorieuse entreprise”, noteert hij in zijn dagboek.
In de dagboeken die Huygens bijhield in Engeland, wordt moeiteloos geschakeld tussen gebeurtenissen van historische betekenis en de roddels van het Engelse hof. Op het ene moment beschrijft het dagboek de tocht naar London, de voorbereidingen op de kroning van Willem III of de Slag aan de Boyne (1690), op het andere moment lezen we over de seksuele escapades van diverse hovelingen, Huygens’ wantrouwen tegenover sommige collega’s of over zijn heimwee naar zijn geliefde Den Haag. Diverse fysieke kwaaltjes waar Huygens aan lijdt, komen ook geregeld aan bod. De grote hoeveelheid aan namen van hovelingen (meer dan vierduizend namen!), hun fysieke beschrijvingen en diverse weetjes rondom hun persoonlijkheid en hun status aan het hof worden allemaal in het dagboek genoteerd. Het doet vermoeden dat Huygens zijn dagboek vooral gebruikte als geheugensteuntje. Het leven aan het hof van Willem III werd steeds gecompliceerder en een dagboek hielp Huygens met navigeren.
Opgedoken fragment
Het dagboek van Constantijn Huygens jr. was een intiem verslag van zijn leven, uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik. Publicatie was nooit de bedoeling. Op reis bewaarde hij zijn dagboeken daarom in een afgesloten schrijfkoffer. Toen hij eens een katern van zijn dagboek niet meer kon terugvinden, raakte Huygens erg overstuur. Tot zijn opluchting dook het later weer op. Juist omdat Huygens zijn dagboeken zo zorgvuldig bewaarde, is de ontdekking van een onbekend fragment in 2023 des te opmerkelijker. Het gaat om een los blad uit een van zijn verloren dagboeken, gedateerd 29, 31 augustus en 1 september 1687, dus een jaar voor Willem III naar Engeland vertrok. Huygens schrijft over enkele vooraanstaande Engelse edelen, die op audiëntie zijn bij de stadhouder in zijn kasteel het Loo. Waren zij op Het Loo om Willem III te overtuigen de Engelse troon op te eisen? Hielpen zij bij de voorbereidingen van de invasie? Huygens jr. lijkt van niets te weten. Maar zijn observaties en nauwkeurige aantekeningen van het hof geven historici weer nieuwe informatie over de gebeurtenissen van toen. Wie vandaag de dagboeken van Huygens leest, staat als het ware naast hem terwijl de gebeurtenissen zich ontvouwen.
Nieuwsgierig geworden? De dagboeken van Constantijn Huygens jr. werden al in de negentiende eeuw getranscribeerd door het Historisch Genootschap in Utrecht en zijn digitaal beschikbaar via de website dbnl.org. Daarnaast schreef Rudolf Dekker een studie over de dagboeken en publiceerde Jan Paul Schutten onlangs een moderne hertaling.
De Grand Tour
Het oudste bewaard gebleven dagboek van Constantijn Huygens jr. is een reisjournaal uit 1649-1650. Daarin maakt Huygens verslag van een Grand Tour, een educatieve reis ter afronding van zijn opleiding. In dit dagboek schrijft hij over zijn reis door Frankrijk en Zwitserland. In Angers behaalde Constantijn bovendien zijn licentiaatstitel in de rechten. Het verslag van het tweede deel van de reis, waar Huygens Italië bezocht, is helaas niet bewaard gebleven. Het reisdagboek was niet privé. Het zou na thuiskomst ook door zijn familie worden gelezen. Hoewel Huygens uitvoerig schrijft over de verschillende locaties die hij bezocht en zelfs enkele tekeningen maakt, bijvoorbeeld een stadsgezicht van Tournon, kreeg hij toch kritiek. Zijn vader vond dat hij meer aandacht moest besteden aan de gebouwen die hij zag en de geleerden en staatslieden die hij had gesproken. Junior had juist oog voor het dagelijks leven: de sociale contacten die hij onderhield, inclusief de nodige roddels en achterklap. Daarnaast bevat het reisdagboek enkele passages in codetaal, waarin hij zijn bezoeken aan prostituees beschreef. Zo hield hij zijn nieuwsgierige familie buiten dat deel van zijn leven.
Huygens en het hofleven
Tussen 1650 en 1672 zijn geen dagboeken van Huygens jr. overgeleverd. Mogelijk hield hij in deze jaren geen dagboek bij. In 1673 begon hij opnieuw te schrijven. Dat hing samen met een ingrijpende verandering in zijn leven. Tijdens het Rampjaar (1672) werd Willem III na een lange stadhouderloze periode benoemd tot stadhouder. Datzelfde jaar trad Huygens jr. in dienst als zijn secretaris, een ambt dat ook zijn vader jarenlang had vervuld. Het was een belangrijke functie: als secretaris was Huygens jr. verantwoordelijk voor de inkomende en uitgaande correspondentie van de prins. Zijn werkzaamheden waren zeer uiteenlopend. Hij las en vertaalde brieven voor Willem III, stelde uitgaande correspondentie op in verschillende talen en verzorgde officiële documenten, zoals vrijgeleides en benoemingsbrieven. Aan deze functie was ook een lucratieve bijkomstigheid verbonden: regelmatig ontving Huygens een extra beloning om een brief of akte met voorrang af te handelen.
Bibliotheekblad 7 • september 2026
Observaties van het hofleven
Constantijn Huygens junior was waarschijnlijk 17 toen hij een dagboek begon bij te houden. Zijn vader, de bekende dichter en staatsman Constantijn Huygens sr., vond dat zelfreflectie bij een ontwikkeld mens hoorde. Zoals een goede zoon betaamd volgde Constantijn jr. zijn raad nauwgezet op. Van 1645 tot zijn pensionering in 1696 hield hij dagboeken bij. Helaas zijn niet alle delen bewaard gebleven. In totaal zijn vijftien dagboekdelen van de hand van Constantijn Huygens jr. overgebleven, samen goed voor bijna 2500 bladzijden. Ze vormen daarmee een van de meest uitgebreide dagboeken uit de zeventiende-eeuwse Nederlanden. In 1822 werden ze op een veiling verkocht aan koning Willem I. Hij schonk de dagboeken aan de Koninklijke Academie van Wetenschappen. In 1937 werden ze in permanente bruikleen overgedragen aan de KB nationale bibliotheek.
De dagboeken van Constantijn Huygens jr. (1628-1697)
Topstukken uit de KB nationale bibliotheek
Tekst: Jeroen Vandommele (conservator
na-middeleeuwse en moderne handschriften)
• Illustraties: KB nationale bibliotheek
Afbeelding 6: Constantijn Huygens jr., Dagboekfragment (KB, KW 1920 A 279).
Afbeelding 5: Romein de Hooghe, Tocht van Willem III naar Engeland, ingekleurde ets, naar tekening van Hekhuisen, uit: Atlas van der Hagen, plaat 7 (KW 1049 B 11).
Uit deze hofperiode zijn de meeste dagboeken bewaard gebleven. De functie van secretaris gaf Huygens veel meer aanleiding om in zijn dagboek te schrijven. Hij moest regelmatig de stadhouder vergezellen als deze op campagne ging. Zo hield Huygens dagboeken bij tijdens de veldtochten van Willem III in de jaren 1673-1678 en tijdens diplomatieke reizen in 1680, 1682 en 1683. Van 1688 tot 1696 hield Huygens een doorlopend dagboek bij. Over de acht jaar ontbreken slechts 25 dagen. Als secretaris van Willem III bevond Huygens zich vaak in het hart van de politieke gebeurtenissen. Juist daardoor zijn de dagboeken uit deze periode zo waardevol. Willem III voerde oorlog tegen de Franse koning Lodewijk XIV en vertrok in 1688 naar Engeland om zijn schoonvader James II van de troon te verdrijven. Huygens maakte deze laatste gebeurtenis, later bekend als de Glorious Revolution, van nabij mee. Zijn dagboek begint op donderdag 21 oktober 1688, wanneer hij hoort dat hij met Willem III naar Engeland zal afreizen. “Une grande et glorieuse entreprise”, noteert hij in zijn dagboek.
In de dagboeken die Huygens bijhield in Engeland, wordt moeiteloos geschakeld tussen gebeurtenissen van historische betekenis en de roddels van het Engelse hof. Op het ene moment beschrijft het dagboek de tocht naar London, de voorbereidingen op de kroning van Willem III of de Slag aan de Boyne (1690), op het andere moment lezen we over de seksuele escapades van diverse hovelingen, Huygens’ wantrouwen tegenover sommige collega’s of over zijn heimwee naar zijn geliefde Den Haag. Diverse fysieke kwaaltjes waar Huygens aan lijdt, komen ook geregeld aan bod. De grote hoeveelheid aan namen van hovelingen (meer dan vierduizend namen!), hun fysieke beschrijvingen en diverse weetjes rondom hun persoonlijkheid en hun status aan het hof worden allemaal in het dagboek genoteerd. Het doet vermoeden dat Huygens zijn dagboek vooral gebruikte als geheugensteuntje. Het leven aan het hof van Willem III werd steeds gecompliceerder en een dagboek hielp Huygens met navigeren.
Opgedoken fragment
Het dagboek van Constantijn Huygens jr. was een intiem verslag van zijn leven, uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik. Publicatie was nooit de bedoeling. Op reis bewaarde hij zijn dagboeken daarom in een afgesloten schrijfkoffer. Toen hij eens een katern van zijn dagboek niet meer kon terugvinden, raakte Huygens erg overstuur. Tot zijn opluchting dook het later weer op. Juist omdat Huygens zijn dagboeken zo zorgvuldig bewaarde, is de ontdekking van een onbekend fragment in 2023 des te opmerkelijker. Het gaat om een los blad uit een van zijn verloren dagboeken, gedateerd 29, 31 augustus en 1 september 1687, dus een jaar voor Willem III naar Engeland vertrok. Huygens schrijft over enkele vooraanstaande Engelse edelen, die op audiëntie zijn bij de stadhouder in zijn kasteel het Loo. Waren zij op Het Loo om Willem III te overtuigen de Engelse troon op te eisen? Hielpen zij bij de voorbereidingen van de invasie? Huygens jr. lijkt van niets te weten. Maar zijn observaties en nauwkeurige aantekeningen van het hof geven historici weer nieuwe informatie over de gebeurtenissen van toen. Wie vandaag de dagboeken van Huygens leest, staat als het ware naast hem terwijl de gebeurtenissen zich ontvouwen.
Nieuwsgierig geworden? De dagboeken van Constantijn Huygens jr. werden al in de negentiende eeuw getranscribeerd door het Historisch Genootschap in Utrecht en zijn digitaal beschikbaar via de website dbnl.org. Daarnaast schreef Rudolf Dekker een studie over de dagboeken en publiceerde Jan Paul Schutten onlangs een moderne hertaling.
Afbeelding 4: Constantijn Huygens jr., Stadsgezicht van Tournon, tekening met zwart krijt, 1649, fol. 65r. (KB, KW KA 53).
Afbeelding 3: Constantijn Huygens jr., Dagboek, 21 oktober 1688 (KB, KW KA 54).
Afbeelding 2: (Constantijn Huygens jr.), Zelfportret (?) van Constantijn Huygens de Jonge, tekening, 1685 (Rijksmuseum Amsterdam, RP-T-1888-A-1520).
Afbeelding 1: Collectie dagboeken van Constantijn Huygens jr. (KB, KW KA 53, KA 53a-g, KA 54).
De Grand Tour
Het oudste bewaard gebleven dagboek van Constantijn Huygens jr. is een reisjournaal uit 1649-1650. Daarin maakt Huygens verslag van een Grand Tour, een educatieve reis ter afronding van zijn opleiding. In dit dagboek schrijft hij over zijn reis door Frankrijk en Zwitserland. In Angers behaalde Constantijn bovendien zijn licentiaatstitel in de rechten. Het verslag van het tweede deel van de reis, waar Huygens Italië bezocht, is helaas niet bewaard gebleven. Het reisdagboek was niet privé. Het zou na thuiskomst ook door zijn familie worden gelezen. Hoewel Huygens uitvoerig schrijft over de verschillende locaties die hij bezocht en zelfs enkele tekeningen maakt, bijvoorbeeld een stadsgezicht van Tournon, kreeg hij toch kritiek. Zijn vader vond dat hij meer aandacht moest besteden aan de gebouwen die hij zag en de geleerden en staatslieden die hij had gesproken. Junior had juist oog voor het dagelijks leven: de sociale contacten die hij onderhield, inclusief de nodige roddels en achterklap. Daarnaast bevat het reisdagboek enkele passages in codetaal, waarin hij zijn bezoeken aan prostituees beschreef. Zo hield hij zijn nieuwsgierige familie buiten dat deel van zijn leven.
Huygens en het hofleven
Tussen 1650 en 1672 zijn geen dagboeken van Huygens jr. overgeleverd. Mogelijk hield hij in deze jaren geen dagboek bij. In 1673 begon hij opnieuw te schrijven. Dat hing samen met een ingrijpende verandering in zijn leven. Tijdens het Rampjaar (1672) werd Willem III na een lange stadhouderloze periode benoemd tot stadhouder. Datzelfde jaar trad Huygens jr. in dienst als zijn secretaris, een ambt dat ook zijn vader jarenlang had vervuld. Het was een belangrijke functie: als secretaris was Huygens jr. verantwoordelijk voor de inkomende en uitgaande correspondentie van de prins. Zijn werkzaamheden waren zeer uiteenlopend. Hij las en vertaalde brieven voor Willem III, stelde uitgaande correspondentie op in verschillende talen en verzorgde officiële documenten, zoals vrijgeleides en benoemingsbrieven. Aan deze functie was ook een lucratieve bijkomstigheid verbonden: regelmatig ontving Huygens een extra beloning om een brief of akte met voorrang af te handelen.
Observaties van het hofleven
Constantijn Huygens junior was waarschijnlijk 17 toen hij een dagboek begon bij te houden. Zijn vader, de bekende dichter en staatsman Constantijn Huygens sr., vond dat zelfreflectie bij een ontwikkeld mens hoorde. Zoals een goede zoon betaamd volgde Constantijn jr. zijn raad nauwgezet op. Van 1645 tot zijn pensionering in 1696 hield hij dagboeken bij. Helaas zijn niet alle delen bewaard gebleven. In totaal zijn vijftien dagboekdelen van de hand van Constantijn Huygens jr. overgebleven, samen goed voor bijna 2500 bladzijden. Ze vormen daarmee een van de meest uitgebreide dagboeken uit de zeventiende-eeuwse Nederlanden. In 1822 werden ze op een veiling verkocht aan koning Willem I. Hij schonk de dagboeken aan de Koninklijke Academie van Wetenschappen. In 1937 werden ze in permanente bruikleen overgedragen aan de KB nationale bibliotheek.
De dagboeken van Constantijn Huygens jr. (1628-1697)
Tekst: Jeroen Vandommele (conservator
na-middeleeuwse en moderne handschriften)
• Illustraties: KB nationale bibliotheek
Bibliotheekblad 7 • september 2026
Topstukken uit de KB nationale bibliotheek